Reglementen

Overzicht van de reglementen die Ma-Ryuk hanteert

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

1

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

Pattern / Tuls

Sparring

Power Breaking

Speciale Technieken

Protest Procedure

scheidsrechtersreglement

wedstrijdreglement

coachingsreglement

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

2

Scheidsrechtersreglement ITF Royal Dutch

Dit reglement is goedgekeurd door de onderstaande personen en als zodanig goedgekeurd voor gebruik

bij wedstrijden van en onder auspiciën van de ITF Royal Dutch. (aangesloten bij de ITF van

Grandmaster Choi Jung Hwa).

Voorzitter ITF Royal Dutch

Hennie Thijssen

of diens plaatsvervanger

Datum:

Voorzitter SC

Peter Geijsberts

of diens plaatsvervanger

Datum:

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

3

Inhoud

1. Algemene bepalingen 5

1.01 Doel 5

1.02 Werkterrein 5

1.03 Wijzigingen 5

2. Algemeen scheidsrechtersreglement 6

2.01 Scheidsrechtersbevoegdheid 6

2.02 Beoordeling van wedstrijden 6

2.03 Start en afsluiting van een evenement en groetprocedure 6

2.04 Aanwezigheid 6

2.05 Houding en etiquette 6

2.06 Kleding en benodigdheden 7

3. Verantwoordelijkheden en bevoegdheden 8

3.01 SC 8

3.02 Algemeen hoofdscheidsrechter 8

3.03 Hoofdscheidsrechter 9

3.04 Matscheidsrechter 9

3.05 Hoekscheidsrechter 9

4. Sparring 10

4.01 Groetprocedure 10

4.02 Werkwijze matscheidsrechter 11

4.03 Ongeoorloofde aanvalsdoelen 19

4.04 Geoorloofde technieken 19

4.05 Punten scoren 19

4.06 Waarschuwingen 19

4.07 Minpunten 20

4.08 Verloren partij 20

4.09 Officiële waarschuwing 20

4.10 Diskwalificatie 20

4.11 Blessures 21

4.12 Leiding tijdens partij 21

4.13 Toekennen van pluspunten 21

4.14 Startpositie na onderbreking door de matscheidsrechter 22

4.15 Bepalen van de winnaar bij het doorgaandsysteem 22

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

4

5. Tuls en speciale technieken 23

5.01 Tuls 23

5.02 Speciale technieken 23

5.03 Breektechnieken 23

6. Bezetting per wedstrijdveld 24

6.01 Sparring 24

6.02 Tuls 24

6.03 Speciale technieken 24

7. Afhandeling van protesten 25

7.01 Indienen van een protest 25

7.02 Het invullen van een protestformulier 25

7.03 De afhandeling van het protest 25

Bijlage I. Koreaanse benamingen 26

Bijlage II. Handleiding Hoofdscheidsrechter / Jury President 27

Bijlage III. Handleiding Matscheidsrechter. 29

Handelingen voor aanduiden waarschuwingen 29

Bijlage V Demonstratie verboden handelingen Waarschuwingen 31

Demonstratie verboden handelingen Minpunten 35

Bijlage VI. Handleiding Hoekscheidsrechter 36

Bijlage VII. Diploma’s en licenties van ITF Royal Dutch Scheidsrechters 38

C-diploma: 38

C-licentie: 38

B-diploma: 38

B-licentie: 38

A-licentie: 38

Algemeen: 39

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

5

1. Algemene bepalingen

1.01 Doel

Het scheidsrechtersreglement heeft als doel veilige en sportieve Taekwon-Do wedstrijden te garanderen.

1.02 Werkterrein

Het scheidsrechtersreglement is van toepassing op alle Taekwon-Do wedstrijden georganiseerd door

of onder auspiciën van de ITF Royal Dutch.

Het reglement is geschreven in de hij vorm en kan voor zover van toepassing worden vervangen door zij.

In alle gevallen waar het scheidsrechtersreglement niet in voorziet of in alle gevallen waar twijfel

bestaat over de uitleg van dit reglement, zal de algemeen hoofdscheidsrechter een beslissing nemen.

Als een te nemen beslissing raakvlakken heeft met zaken vernoemd in het wedstrijd- of coachingsreglement

dan moet een beslissing gefiatteerd worden door de leden van het Wedstrijd Organisatie

Commissie of door haar aangewezen personen die als zodanig opereren. Deze beslissing is bindend

voor alle partijen.

1.03 Wijzigingen

Wijzigingen van het scheidsrechtersreglement moeten goedgekeurd worden door het hoofdbestuur van

de ITF Royal Dutch, en de SC, middels ondertekening van alle gedateerde stukken door:

- de voorzitter van de ITF Royal Dutch, of diens plaatsvervanger

- de voorzitter van de SC, of diens plaatsvervanger

Per wijziging van het scheidsrechtersreglement moet worden aangegeven wanneer deze in werking

treedt. Het gewijzigde reglement moet bekend gemaakt worden in een publicatie minimaal drie maanden

voor de datum waarop de wijziging van kracht wordt.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

6

2. Algemeen scheidsrechtersreglement

2.01 Scheidsrechtersbevoegdheid

Alleen scheidsrechters met een geldige licentie en scheidsrechters in opleiding mogen ingezet worden.

Het is niet toegestaan dat een scheidsrechter ook als deelnemer of coach functioneert op hetzelfde

evenement/toernooi.

Scheidsrechters in opleiding mogen in principe NIET ingezet worden als de verplicht te leveren

scheidsrechter. Dit ter beoordeling van de algemeen hoofdscheidsrechter.

Leden van het hoofdbestuur van de ITF Royal Dutch mogen in principe niet als scheidsrechter

functioneren. De scholen van bestuursleden hebben een vrijwaring.

2.02 Beoordeling van wedstrijden

Beoordeling van wedstrijden geschiedt aan hand van het wedstrijd-, coaching- en scheidsrechtersreglement.

2.03 Start en afsluiting van een evenement

Bij aanvang van een evenement stellen alle aanwezige scheidsrechters en deelnemers zich op. Op

teken van de algemeen hoofdscheidsrechter groeten de deelnemers eerst naar de afbeelding van de

grondlegger, de aanwezige Master(s) de scheidsrechters het WOC en eventueel vervolgens het publiek.

Bij de afsluiting van een evenement stellen de deelnemers zich op en groeten af naar de afbeelding

van de grondlegger, de aanwezige master(s) de scheidsrechters het WOC en eventueel vervolgens

het publiek.

De groetprocedure gaat als volgt:

De grondlegger: Charyot - Changnika Nim Ke - Kyong Ye hierop volgt niets (stilte)

De aanwezige Master(s): Charyot - Sahyun Nim Ke - Kyong Ye hierop volgt Taekwon.

De scheidsrechters het WOC en de deelnemers: Charyot - Kyong Ye hierop volgt Taekwon.

Het publiek: Charyot - Kyong Ye hierop volgt Taekwon.

2.04 Aanwezigheid

Elke scheidsrechter dient uiterlijk een half uur voor aanvang van de wedstrijden aanwezig te zijn en

wordt geacht het gehele evenement inzetbaar te zijn.

Een aan een wedstrijdvlak toegewezen scheidsrechter mag het wedstrijdvlak en/of de wedstrijdruimte

niet verlaten zonder toestemming van de mat- c.q. hoofdscheidsrechter.

Een reserve scheidsrechter mag de wedstrijdruimte niet verlaten zonder toestemming van de algemeen

hoofdscheidsrechter.

2.05 Houding en etiquette

Scheidsrechters dienen zich waardig en zelfbewust te gedragen en elk conflict, verbaal of fysiek, te

vermijden. Scheidsrechters praten enkel met mede-scheidsrechters of de SC over arbitrage zaken.

Scheidsrechters uiten zich niet publiekelijk over de prestaties van deelnemers.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

7

2.06 Kleding en benodigdheden

Elke scheidsrechter dient bij elk evenement:

1. zijn scheidsrechtersboekje bij zich te hebben en zijn badge zichtbaar te dragen;

2. zijn scheidsrechtersboekje na afloop van het evenement laten aftekenen door de algemeen

hoofdscheidsrechter of de secretaris van de SC;

3. zich kleden in een zwarte pantalon, wit overhemd, zwart colbert, ITF Royal Dutch stropdas,

witte sokken en overwegend wit gekleurde (zaal) gymschoenen;

4. een setje klikkers en stokjes bij zich te hebben.

5. een schrijvende pen bij zich te hebben.

Elke aspirant scheidsrechter moet bij elk evenement:

1. zich kleden in een zwarte pantalon, wit overhemd, ITF Royal Dutch stropdas, witte sokken en

overwegend wit gekleurde (zaal) gymschoenen;

2. een setje klikkers en stokjes bij zich hebben.

3. een schrijvende pen bij zich te hebben.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

8

3. Verantwoordelijkheden en bevoegdheden

3.01 Scheidsrechterscommissie hierna afgekort als SC

De SC is verantwoordelijk voor:

1. het optimaal functioneren van het scheidsrechterscorps.

2. het benoemen per evenement van een algemeen hoofdscheidsrechter.

3. het registreren per evenement van de scheidsrechters opkomst.

4. het opleiden van scheidsrechters.

Scheidsrechters zijn verplicht zich neer te leggen bij de beslissingen van de SC.

De SC is bevoegd licenties van scheidsrechters in te trekken op basis van hun gedrag, opkomst of naar

aanleiding van het niet naleven van het scheidsrechters- en/of wedstrijdreglement.

Na een eventueel onderzoek wordt de betrokken persoon schriftelijk op de hoogte gebracht van het

voornemen van de SC. Een kopie hiervan gaat naar het hoofdbestuur. Hierna heeft de betrokken persoon

een maand de tijd om te reageren.

De SC is verantwoording verschuldigd aan het hoofdbestuur van de ITF Royal Dutch.

3.02 Algemeen hoofdscheidsrechter

De algemeen hoofdscheidsrechter is verantwoordelijk voor:

1. het correct en onpartijdig functioneren van alle scheidsrechters;

2. het consistent naleven van het wedstrijd-, coaching- en scheidsrechtersreglement;

3. de correcte afhandeling van alle administratieve taken;

4. de afhandeling van protesten;

5. het opstellen en toezending aan het secretariaat van de SC van het verslag van het evenement

binnen 21 dagen na afloop van het evenement indien er bijzonderheden waren;

6. de afhandeling en toezending aan het secretariaat van de SC van alle beoordelingsformulieren,

binnen 21 dagen na afloop van het evenement, indien van toepassing;

7. de communicatie tussen scheidsrechters onderling en tussen de WOC en de scheidsrechters

tijdens het evenement;

8. het maken van de veldindeling van de scheidsrechters.

De algemeen hoofdscheidsrechter heeft de bevoegdheid om:

1. naar eigen inzicht scheidsrechters in te delen en te wisselen;

2. corrigerend op te treden om consistente naleving van alle reglementen te garanderen;

3. elke scheidsrechter ter verantwoording te roepen;

4. uitslagen te herzien;

5. het evenement tijdelijk te stoppen.

De algemeen hoofdscheidsrechter moet voldoen aan de volgende eisen:

• moet A-licentiehouder zijn of hiervoor in opleiding;

De algemeen hoofdscheidsrechter is verantwoording verschuldigd aan de SC.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

9

3.03 Hoofdscheidsrechter

De hoofdscheidsrechter is op het aan hem toegewezen wedstrijdvlak verantwoordelijk voor:

1. het correct en onpartijdig functioneren van alle scheidsrechters aldaar;

2. het consistent naleven van het wedstrijd-, coaching- en scheidsrechtersreglement;

3. de correcte afhandeling van alle administratieve taken;

4. de communicatie tussen scheidsrechters onderling.

De hoofdscheidsrechter heeft de bevoegdheid om op het aan hem toegewezen wedstrijdvlak:

1. naar eigen inzicht scheidsrechters onderling te wisselen;

2. de algemeen hoofdscheidsrechter te verzoeken bij ziekte, ongeval of onbekwaamheid van een

scheidsrechter deze te laten vervangen;

3. de wedstrijd te onderbreken;

4. corrigerend op te treden om consistente naleving van alle reglementen te garanderen;

5. elke scheidsrechter ter verantwoording te roepen.

De hoofdscheidsrechter moet voldoen aan de volgende eisen:

• moet minimaal B-licentiehouder zijn of hiervoor in opleiding.

Per veld wordt er door de algemeen hoofdscheidsrechter een hoofdscheidsrechter aangewezen.

3.04 Matscheidsrechter

De matscheidsrechter is op het wedstrijdvlak waar hij functioneert verantwoordelijk voor:

1. het correct en onpartijdig functioneren van alle hoekscheidsrechters aldaar;

2. het consistent naleven van het wedstrijd-, coaching- en scheidsrechtersreglement;

3. het geven van waarschuwingen en minpunten en bij het punt-stop systeem ook de pluspunten;

4. de correcte afhandeling van alle administratieve taken;

5. de communicatie tussen de hoekscheidsrechters onderling en tussen de hoekscheidsrechters

en de hoofdscheidsrechter.

De matscheidsrechter heeft de bevoegdheid om op het aan hem toegewezen wedstrijdvlak:

1. corrigerend op te treden om consistente naleving van alle reglementen te garanderen.

De matscheidsrechter moet voldoen aan de volgende eisen:

• moet minimaal B-licentiehouder zijn of hiervoor in opleiding;

3.05 Hoekscheidsrechter

De hoekscheidsrechter is op het wedstrijdvlak waar hij functioneert verantwoordelijk voor:

1. het consistent naleven van het wedstrijd-, coaching- en scheidsrechtersreglement;

2. het toekennen van pluspunten;

3. het noteren van waarschuwingen en minpunten die door de matscheidsrechter zijn gegeven.

4. het aangeven van onreglementaire handelingen.

De hoekscheidsrechter heeft de bevoegdheid om op het wedstrijdvlak waar hij functioneert:

1. de matscheidsrechter te adviseren corrigerend op te treden om consistente naleving van alle

reglementen te garanderen.

De hoekscheidsrechter moet voldoen aan de volgende eisen:

• moet minimaal C-licentiehouder zijn of hiervoor in opleiding.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

10

4. Sparring

4.01 Groetprocedure

Als een bezetting van een wedstrijdvlak het wedstrijdveld betreedt, groet zij:

1. op teken van de matscheidsrechter de hoofdscheidsrechter indien aanwezig;

2. de matscheidsrechter op teken van de hoekscheidsrechter die het dichtst bij de matscheidsrechter

staat opgesteld.

Bij het verlaten van een wedstrijdvlak verloopt de groetprocedure in omgekeerde volgorde.

Na het oproepen van de deelnemers door de WOC verzoekt de matscheidsrechter de deelnemers zich

op te stellen. De deelnemers groeten achtereenvolgens op commando van de matscheidsrechter:

1. de hoofdscheidsrechter, indien aanwezig (anders matscheidsrechter);

2. elkaar.

De matscheidsrechter controleert hierna de kleding en de beschermers van de deelnemers of deze

voldoen aan de gestelde voorwaarden en zich in goede staat bevinden. Indien dit niet zo is, krijgt de

deelnemer 1 minuut de tijd voor correctie.

Nadat de officiële wedstrijdduur is verstreken verzoekt de matscheidsrechter de deelnemers hun uitgangspositie

in te nemen en volgt de groetprocedure in omgekeerde volgorde.

Als na de officiële wedstrijdduur blijkt dat er een verlenging moet plaatsvinden dan worden de deelnemers

na het uitspreken van de gelijke stand verzocht zich op te stellen. Vervolgens groeten zij alleen

elkaar op teken van de matscheidsrechter.

Na het verstrijken van de wedstrijdduur van de verlenging verzoekt de matscheidsrechter de deelnemers

hun uitgangspositie in te nemen. Vervolgens groeten zij alleen elkaar op teken van de matscheidsrechter.

Bij teamwedstrijden groeten beide teams:

1. de hoofdscheidsrechter, indien aanwezig (anders matscheidsrechter);

2. elkaar.

Bij de onderlinge wedstrijden groeten de deelnemers alleen elkaar.

Na afloop van de ontmoeting groeten beide teams:

1. elkaar;

2. de hoofdscheidsrechter, indien aanwezig (anders matscheidsrechter).

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

11

4.02 Werkwijze matscheidsrechter

De matscheidsrechter roept de deelnemers

“Hong” – “Chong”

en deze stappen het veld in voor de eerste ronde.

“Charyot” Attentie

De deelnemers draaien met hun gezicht naar de jurytafel,

de matscheidsrechter laat de deelnemers groeten

naar de jury president en de juryleden.

“Kyong-Ye”

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

12

De deelnemers draaien hun gezicht naar elkaar.

“Charyot”.

De deelnemers groeten elkaar.

“Kyong-Ye”.

Safety equipment controle:

1) Hand- en voet beschermers

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

13

2) Scheenbeschermers 3) Blauw- en rood herkenningsteken

4) Tok (alleen bij heren).

NIET ZO! MAAR ZO!

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

14

“Junbi”.

“Il Bunyon” 1e ronde “Yi Bunyon” 2e ronde.

Na het “Junbi” commando, om de wedstrijd te beginnen, zegt de matscheidsrechter: “Shijak” en

beweegt tegelijkertijd zijn arm / hand naar beneden en naar achteren.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

15

“Haechyo” Stop

Hierna kan de matscheidsrechter de eventuele overtreding

demonstreren en de straf die daarbij hoort.

En gaat dan verder met ..

“Gae Sok” Ga verder

De matscheidsrechter beweegt zijn hand / arm omhoog.

Mocht er toch niets gebeurd zijn:

Als de matscheidsrechter de tijd stop wil zetten:

“Jung Ji” Tijd stop

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

16

Aan het einde van de partij:

“Goman” einde

Aan het einde van de 1e ronde stuurt de matscheidsrechter,

na het groeten, de deelnemers naar hun hoek.

Aan het einde van de wedstrijd knielen de deelnemers

neer op hun startpositie, met hun rugzijde naar elkaar

gericht, wachtend op de uitslag.

“Charyot” attentie “Kyong Ye” groeten naar elkaar

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

17

Als de uitslag bekent is staan de deelnemers op.

Ze groeten naar de Hoofdscheidsrechter.

“Charyot” attentie

“Kyong Ye” groeten

Pak de polsen van de deelnemers vast.

Mocht de stand gelijk zijn dan tilt de matscheidsrechter

beide armen omhoog.

Direct daarna gaan de deelnemers verder met de verlenging.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

18

Als de Jury President / Hoofdscheidsrechter wel een

winnaar aangeeft, dan tilt de matscheidsrechter de

arm van deze winnaar omhoog terwijl hij 1 stap achterwaarts

doet.

Daarna stapt hij nog 1 stap achteruit.

Deelnemers geven elkaar de hand, lopen daarna door

naar de coach van de tegenstander om hem/haar een

hand te geven.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

19

4.03 Ongeoorloofde aanvalsdoelen

1. achterhoofd;

2. nek en hals (aan achterzijde);

3. oksels;

4. rug;

5. beneden de band.

4.04 Geoorloofde technieken

Geoorloofde technieken:

1) voettechnieken:

a) alle voettechnieken

2) handtechnieken:

a) voorwaartse stoot

b) rugkantvuistslag

c) binnenkant meshandslag

Ongeoorloofd zijn dus alle overige technieken !

4.05 Punten scoren

Om te scoren moet men aan de volgende voorwaarden voldoen:

1. het moet een geoorloofde techniek zijn;

2. op een geoorloofd aanvalsdoel;

3. met voldoende kracht, balans en met terugtrekking van de gemaakte techniek;

4. en met beide voeten in het wedstrijdveld starten en eindigen;

5. tussen start- en stopsein van de matscheidsrechter.

4.06 Waarschuwingen

Waarschuwingen worden gegeven voor:

1. het aanvallen van een ongeoorloofd aanvalsdoel;

2. het aanvallen met een ongeoorloofde techniek;

3. de tegenstander vasthouden of inklemmen en duwen met handen, schouder of lichaam;

4. het ontlopen van het gevecht;

5. toekeren van de rug;

6. het zich met beide voeten buiten het wedstrijdvlak begeven;

7. simuleren van pijn;

8. been- voetvegen;

9. balansverlies (het raken van de grond met een ander lichaamsdeel dan de voeten);

10. ongecontroleerde manier van strijden;

11. tijdrekken;

12. ‘doen’ alsof gescoord is door de arm op te steken;

13. het aanraken van de vuist van de tegenstander voordat de sparringspartij begint;

14. praten met de tegenstander of de scheidsrechter.

Bij verlenging vervallen alle waarschuwingen.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

20

4.07 Minpunten

Minpunten worden gegeven voor:

1. het raken van een ongeoorloofd aanvalsdoel;

2. het raken middels een ongeoorloofde techniek;

3. te hard contact;

4. het aanvallen van een tegenstander die op de grond ligt en/of die aan het vallen is;

5. het aanvallen, voor het start- of na het stop commando van de matscheidsrechter;

6. onsportiviteit tegen de tegenstander, coaches en/of officials;

7. bij het werpen van de tegenstander;

8. bij elke derde waarschuwing aan dezelfde persoon.

Indien zich gevallen voordoen, die niet nader omschreven zijn als waarschuwing of minpunt, is de

hoofd- en/of matscheidsrechter gemachtigd naar de aard van het gepleegde feit een bestraffing toe

te kennen.

4.08 Verloren partij

Een partij wordt als verloren beschouwd in het geval van:

1. beslissing door de mat- en/of hoofdscheidsrechter;

2. technische opgave;

3. het niet voldoen aan de eisen m.b.t. kleding en/of equipement;

4. het niet op tijd aanwezig zijn;

5. een punten verschil van tien (10) of meer bij het punt-stop-systeem;

6. het moeten opgeven van de tegenstander door een handeling zoals omschreven in artikel 4.07

Minpunten, voor zover van toepassing;

7. 3 (drie) directe minpunten.

4.09 Officiële waarschuwing

Deze wordt door de mat-, hoofd, of algemeen hoofdscheidsrechter gegeven:

1. samen met een onder 4.07 Minpunten genoemd feit, afhankelijk van de aard en zwaarte van

de overtreding;

2. voor een onder 4.10 Diskwalificatie genoemd feit, dat voor diskwalificatie nog net niet ernstig

genoeg is.

De officiële waarschuwingen worden door de tafelmedewerker geregistreerd op het wedstrijdformulier.

Deze worden vervolgens door de WOC centraal geregistreerd en gerapporteerd aan het hoofdbestuur.

Ook de SC registreert deze officiële waarschuwingen ten behoeve van de eigen administratie.

Op voordracht van de algemeen hoofdscheidsrechter kan een officiële waarschuwing gepaard gaan

met een procedure tot strafmaatregelen die door het hoofdbestuur word bepaald.

4.10 Diskwalificatie

Een deelnemer wordt voor het evenement/toernooi gediskwalificeerd indien:

1. twee officiële waarschuwingen aan dezelfde deelnemer zijn toegekend;

2. er sprake is van (verbale) agressie tegen deelnemers, coaches en/of officials;

3. deze handelingen verricht van een dermate ernstige aard dat het een gevaar oplevert voor de

tegenstander en/of voor zichzelf;

4. deze zich herhaaldelijk onsportief gedraagt;

5. deze het wedstrijdvlak verlaat zonder de toestemming van de matscheidsrechter;

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

21

6. deze verdacht wordt van onder invloed zijn van alcoholische drank of drugs;

7. Full contact;

8. Bij het niet opvolgen van de aanwijzingen van de matscheidsrechter.

DISKWALIFICATIE GELDT VOOR HET GEHELE EVENEMENT !

Op voordracht van resp. de WOC en/of de algemeen hoofdscheidsrechter kan tot de procedure tot

strafmaatregelen worden overgegaan.

Bij diskwalificatie geldt dat de gediskwalificeerde persoon het wedstrijdvlak dient te verlaten, m.a.w.

hij /zij dient de zaal te verlaten.

4.11 Blessures

1. elke deelnemer heeft in principe recht op 3 minuten blessure behandeling per partij.

2. de matscheidsrechter bepaald de aanvang en het einde van de blessuretijd.

3. in overleg met de medische dienst en/of de hoofdscheidsrechter kan de matscheidsrechter de

partij beëindigen.

4. het advies van de medische dienst is bindend. Als deze het niet verantwoord acht om verder

deel te nemen dan mag men niet verder deelnemen.

5. de winnaar word bepaalt aan de hand van de actie waardoor de blessure ontstond. Ontstond de

blessure door de tegenstander dan is de geblesseerde winnaar, ontstond de blessure door eigen

toedoen dan is hij verliezer.

6. als een deelnemer niet meer verder kan, volgens de medische dienst, dan mag hij niet meer

meedoen gedurende: het evenement – die dag – de gehele competitie.

7. de deelnemer die het advies van de medische dienst weigert word gediskwalificeerd voor de

gehele competitie.

8. indien de blessuretijd in totaal langer is dan 3 minuten zal de partij beëindigd worden en wordt

er afhankelijk van de oorzaak een winnaar aangewezen.

9. is de oorzaak van de blessure onbekend dan geldt de puntenstand tot dan toe.

10. als 2 deelnemers tegelijkertijd geblesseerd raken en beide niet meer verder kunnen / mogen

volgens de medische dienst, dan word de winnaar bepaalt aan de hand van de puntenstand tot

dan toe. Is de stand gelijk dan beslissen de scheidrechters van dat veld wie de winnaar is (op

grond van het verloop van de partij).

11. gedurende de blessurebehandeling dient de matscheidsrechter de oorzaak van de blessure te

achterhalen, zodat er na 3 minuten blessurebehandeling direct verder gegaan kan worden of

een winnaar aangewezen kan worden.

Let op! Als de 3 minuten verstreken zijn dient de partij verder te gaan.

4.12 Leiding tijdens partij

De hoofdscheidsrechter toetst tijdens de partij of alle reglementen door de matscheidsrechter en

hoekscheidsrechters in acht worden genomen.

De leiding tijdens een partij is in handen van de matscheidsrechter.

4.13 Toekennen van pluspunten

Bij partijen volgens het punt-stop systeem zijn de matscheidsrechter en de hoekscheidsrechters van

dat veld verantwoordelijk voor het toekennen van pluspunten.

Indien de mat- of een hoekscheidsrechter een punt waarneemt onderbreekt de matscheidsrechter de

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

22

partij en verzoekt de deelnemers terug te keren naar de start posities.

Indien de meerderheid van de scheidsrechters het punt aangeeft wordt het punt toegekend aan de

betreffende deelnemer.

Hier wordt het volgende uitgangspunt gehanteerd. Als er vier (4) hoekscheidsrechters zijn is de meerderheid

twee (2), en als er twee (2) hoekscheidsrechters zijn is de meerderheid twee.

4.14 Startpositie na onderbreking door de matscheidsrechter

Beide deelnemers gaan daar verder waar ze stonden toen de matscheidsrechter de partij onderbrak.

Wordt er bij het punt-stop-systeem een punt toegekend, dan wordt er weer in het midden opgesteld

(de startpositie).

Als tijdens de wedstrijd 1 deelnemer buiten het wedstrijdvlak stapt, dan herstart de wedstrijd 1 meter

aan de binnenzijde van het wedstrijdvlak daar waar hij eruit stapte.

4.15 Bepalen van de winnaar bij het doorgaandsysteem

Bij het doorgaand systeem wordt door de matscheidsrechter, aan het eind van de partij, aan de

hoekscheidsrechters gevraagd om de kleur met de hoogste score aan te geven.

Hierbij moet een gelijke score bij een scheidsrechter gezien worden als één (1) voor rood en één (1)

voor blauw. De matscheidsrechter telt het aantal rode en blauwe en bepaalt hieruit de winnaar.

De matscheidsrechter telt zichzelf niet mee.

De matscheidsrechter komt op de volgende manier tot een beslissing:

1. Als twee of meer hoekscheidsrechters in het voordeel van een deelnemer beslissen, is hij of

zij de winnaar.

2. Als drie of vier hoekscheidsrechters onbeslist aangeven, wordt de partij verlengt.

3. Als twee hoekscheidsrechters in het voordeel van een deelnemer beslissen, één hoekscheidsrechter

heeft onbeslist en één beslist voor de andere ,of twee hoekscheidsrechters beslissen

voor een deelnemer en de andere twee hoekscheidsrechters geven onbeslist aan, dan is de

deelnemer waar twee hoekscheidsrechters voor gekozen hebben de winnaar.

Als er een gelijke stand is dan volgt er een verlenging van 1 minuut. Is de stand dan nog gelijk dan

volgt er een tweede verlenging van onbepaalde duur waarbij het eerste punt telt. Hierbij moeten 3

hoekscheidsrechters dit punt toekennen.

De werkwijze word dan als volgt:

De hoekscheidsrechters gaan staan en de partij begint. De matscheidsrechter ziet een punt, hij

onderbreekt de partij (“Haechyo”) en vraagt de hoekscheidsrechters om hun beoordeling.

De matscheidsrechter roept “Sung”en de hoekscheidsrechters dienen tegelijkertijd hun stokje

op te steken (er moet minder dan 1 seconde tussen de hoekscheidsrechters zijn als zei hun

stokje opsteken). Zit er meer dan 1 seconde tussen dan telt het punt niet. 3 Hoekscheidsrechters

moeten dit punt toekennen.

Ook bij het punt-stop systeem word de tweede verlenging op deze wijze afgewerkt.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

23

Tuls en speciale technieken

4.16 Tuls

Als een bezetting van een wedstrijdvlak het wedstrijdveld betreedt of verlaat groeten zij de hoofdscheidsrechter

op teken van de matscheidsrechter.

Na het oproepen van de deelnemer(s) door de WOC verzoekt de matscheidsrechter de deelnemer(s)

zich op te stellen. De deelnemer(s) groet(en) op commando van de ‘oproep’scheidsrechter de scheidsrechters.

Na afloop van de tul verzoekt de ‘oproep’scheidsrechter de deelnemer(s) hun uitgangspositie in te

nemen en de deelnemer(s) groet(en) op zijn commando de scheidsrechters.

Afhankelijk van het wedstrijdsysteem word de winnaar bekent gemaakt door de hoofdscheidsrechter

/ jurypresident en word door de matscheidsrechter / ‘oproep’scheidsrechter de arm van de

winnaar omhoog getilt.

4.17 Speciale technieken

Als een bezetting van een wedstrijdvlak het wedstrijdveld betreedt of verlaat groeten zij de hoofdscheidsrechter

op teken van de matscheidsrechter.

Na het oproepen van de deelnemers door de WOC verzoekt de matscheidsrechter de deelnemer(s)

zich op te stellen. De deelnemer(s) groet(en) op commando van de matscheidsrechter de hoofdscheidsrechter.

Na afloop van de speciale techniek verzoekt de matscheidsrechter de deelnemer(s) hun uitgangspositie

in te nemen en de deelnemer(s) groet(en) op zijn commando de hoofdscheidsrechter.

4.18 Breektechnieken

Breektechnieken dienen uit stand te worden uitgevoerd. Uit stand wil zeggen met beide voeten op de

grond.

1. staand: het is geoorloofd in te slippen (niet instappen), maar het is niet geoorloofd te springen;

dat betekent dat er ten alle tijden 1 voet aan de grond dient te blijven.

2. gesprongen: uit stand omhoog, GEEN tussensprong.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

24

5. Bezetting per wedstrijdveld

5.01 Sparring

Per wedstrijdveld moeten er :

• vier hoekscheidsrechters en een matscheidsrechter aanwezig zijn;

In overleg met de WOC kan er een uitzondering gemaakt worden door op het wedstrijdveld een matscheidsrechter

en twee hoekscheidsrechters te zetten.

In dit geval zitten de beide hoekscheidsrechters aan de kant van de jurytafel.

Per wedstrijdveld mogen er maximaal vier hoekscheidsrechters, een matscheidsrechter en een hoofdscheidsrechter

aanwezig zijn, met uitzondering van scheidsrechters in opleiding.

5.02 Tuls

Per wedstrijdveld moeten er:

• bij voorrondes drie of vijf scheidsrechters aanwezig zijn;

• bij finales vijf scheidsrechters aanwezig zijn.

Bij teamwedstrijden mogen er vier scheidsrechters aanwezig zijn omdat een gelijkspel mogelijk is.

De graduatie van de scheidsrechters dient (indien mogelijk) dusdanig te zijn dat deze gelijk of hoger

is dan de graduatie van de deelnemers.

5.03 Speciale technieken

Per evenement wordt er per speciale techniek een scheidsrechterbezetting vastgesteld.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

25

6. Afhandeling van protesten

Zolang de algemeen hoofdscheidsrechter nog geen beslissing genomen heeft m.b.t. een protest mogen

er geen partijen starten die beïnvloedt kunnen worden door de uitslag van het protest.

Wordt het protest tijdens de partij ingediend, dan wordt de partij stil gelegd.

Er wordt pas verder gegaan na de beslissing van de algemeen hoofdscheidsrechter.

6.01 Indienen van een protest

6.02 Het invullen van een protestformulier

Het protestformulier dient te worden ingevuld door de coach en de hoofdscheidsrechter.

De hoofdscheidsrechter geeft het formulier en de € 25,- aan de algemeen hoofdscheidsrechter.

6.03 De afhandeling van het protest

De algemeen hoofdscheidsrechter kan mondelinge toelichting vragen aan de scheidsrechters van het

betreffende veld en/of aan de indiener van het protest.

Hierna neemt hij een beslissing en deelt deze mede aan de hoofdscheidsrechter en aan de indiener

van het protest.

Deze beslissing is bindend.

Als de indiener in het gelijk wordt gesteld dan wordt de € 25,- terugbetaald.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

26

Bijlage I. Koreaanse benamingen

Koreaans betekenis Engels

CHARYOT gereed stand Attention

KYONG YE groeten Bow

JUNBI gevechtshouding Ready

SIJAK start Begin

HAECHYO stop (onderbreken van de partij) Separate

GAESOK ga verder (na HAECHYO) Continue

GOMAN einde wedstrijd (opstellen) End

JUNG JI tijd stop Time stop

HONG rood (eerst opgeroepen) Red

CHONG blauw Blue

JU UI HANA een waarschuwing Warning

GAM JUM HANA een minpunt Deduction point

SIL KYUK gediskwalificeerd Disqualification

CHIDA verliezer Loser

SUNG winnaar Winner

DONG CHON gelijk spel Tie

IL BUNYON eerste ronde First Round

YI BUNYON tweede ronde Second Round

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

27

De Jury President / Hoofdscheidsrechter staat op om de winnaar aan

te geven.

“Hong / Chong Sung” Rood / Blauw winnaar

De Jury President / Hoofdscheidsrechter geeft een gelijkspel aan

door zijn armen voor zijn borst te kruisen.

“Dong Chon” gelijkspel.

Bijlage II. Handleiding Hoofdscheidsrechter / Jury President

De Jury President / Hoofdscheidsrechter vraagt de matscheidsrechter bij hem te komen.

De Jury President / Hoofdscheidsrechter vraagt alle scheidsrechters bij hem te komen.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

28

De Jury President / Hoofdscheidsrechter geeft een ‘tijd stop’ aan.

“Jung Ji” Tijd stop.

De Jury President / Hoofdscheidsrechter wijst een deelnemer aan

die gediskwalificeerd word.

“Sil Kyuk” Gediskwalificeerd.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

29

Bijlage III. Handleiding Matscheidsrechter

Handelingen voor aanduiden waarschuwingen

1) “Haechyo ! (stop)” wijs met 1 vinger naar de deelnemer

en zeg “Hong of Chong”.

2) Demonstreer de waarschuwing

Rechtop staand, voeten gesloten, met front gericht

naar de deelnemer die de overtreding begaat, beide

armen naar voren strekken waarbij 1 hand gesloten

(vuist) en de andere open hand ± 45 graden

Eventueel gevolgd door de handeling om de verboden

handeling aan te geven.

3) Tussen beide deelnemers in, wijs met 1 vinger naar

de deelnemer en met 1 vinger van de andere hand omhoog

terwijl je 1 stap achterwaarts maakt en zegt:

“Ju ui Hana “.

Dit moet door de jurytafel te zien zijn.

4) Tussen beide deelnemers 1 arm naar voren uitstrekken.

Zeg eerst: “Chunbi”. Daarna deze arm optillen.

Je zegt hierbij: “Gaesok” (ga verder).

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

30

Bijlage IV. Handelingen voor aanduiden minpunten

1) “Haechyo ! (stop)” wijs met 1 vinger naar de deelnemer

en zeg “Hong of Chong”.

2) Demonstreer nu eerst de verboden handeling.

3) Tussen beide deelnemers in, wijs met 1 vinger naar

de deelnemer en met 1 vinger van de andere hand omhoog

terwijl je een cirkelende beweging maakt met

deze arm.

Tegelijkertijd maak je 1 stap achterwaarts en zegt:

“Gam Jum Hana”.

Dit moet door de jurytafel te zien zijn.

4) Tussen beide deelnemers 1 arm naar voren uitstrekken.

Zeg eerst: “Chunbi”. Daarna deze arm optillen.

Je zegt hierbij: “Gaesok” (ga verder).

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

31

Aanval naar een ongeoorloofd aanvalsdoel:

Rechtop staand, voeten gesloten, met front gericht

naar de deelnemer die de overtreding begaat, beide

armen naar voren strekken waarbij 1 hand gesloten

(vuist) en de andere open hand ± 45 graden.

Met beide voeten buiten het wedstrijdvlak begeven:

Rechtop staand, voeten gesloten, met front gericht

naar de deelnemer die de overtreding begaat, maak

een zijdelingse beweging met de arm wijzende naar

de rand van het veld met de wijsvinger.

Balansverlies:

Rechtop staand, voeten gesloten, met front gericht

naar de deelnemer die de overtreding begaat, maak

een beweging (lichte kniebuiging) met de open hand

neerwaarts

Bijlage V Demonstratie verboden handelingen Waarschuwingen

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

32

De tegenstander vasthouden of inklemmen:

Rechtop staand, voeten gesloten, met front gericht

naar de deelnemer die de overtreding begaat, breng

een gesloten hand op borsthoogte naar je borst.

Duwen met handen, schouder of lichaam:

Rechtop staand, voeten gesloten, met front gericht

naar de deelnemer die de overtreding begaat, beweeg

beide armen met open hand op borsthoogte van je af.

‘Doen’ alsof gescoord is door de hand op te steken:

Rechtop staand, voeten gesloten, met front gericht

naar de deelnemer die de overtreding begaat, breng

1 vuist omhoog.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

33

Het ontlopen van het gevecht:

Rechtop staand, voeten gesloten, met front gericht

naar de deelnemer die de overtreding begaat, breng

de vuisten naar elkaar op borsthoogte (geen contact).

Het aanraken van de vuist van de tegenstander

voordat de sparringspartij begint:

Rechtop staand, voeten gesloten, met front gericht

naar de deelnemer die de overtreding begaat, breng

beide vuisten op borsthoogte naar elkaar toe totdat ze

elkaar raken.

Toekeren van de rug:

Rechtop staand, voeten gesloten, met front gericht

naar de deelnemer die de overtreding begaat, leg 1

hand tegen je hoofd en draai je lichaam van de deelnemer

af.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

34

Praten met de tegenstander of de scheidsrechter:

Rechtop staand, voeten gesloten, met front gericht

naar de deelnemer die de overtreding begaat, breng je

wijsvinger naar je mond.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

35

Te hard contact:

Rechtop staand, voeten gesloten, met front naar de

deelnemer die de overtreding begaat, stoot 1

vuist in de andere hand.

Niet luisteren naar de aanwijzingen van de

matscheidsrechter:

Rechtop staand, voeten gesloten, met front naar de

deelnemer die de overtreding begaat, breng je wijsvinger

naar je oor.

Demonstratie verboden handelingen Minpunten

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

36

De correcte houding voor de hoekscheidsrechter.

Bijlage VI. Handleiding Hoekscheidsrechter.

Geen correcte houding voor de hoekscheidsrechter.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

37

De hoekscheidsrechter staat op om de aandacht van

de matscheidsrechter te trekken.

Bovenstaand gedrag (zie foto) is niet gepast voor een hoekscheidsrechter.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

38

Bijlage VII. Diploma’s en licenties van ITF Royal Dutch Scheidsrechters

C-diploma:

Behalen: hiervoor dient men in principe te voldoen aan de volgende punten.

1. Minimaal in het bezit te zijn van de 1ste kub Taekwon-Do.

1. In principe twee opeenvolgende jaren driemaal jaarlijks als hoekscheidsrechter hebben gefunctioneerd

en als ‘voldoende’ zijn beoordeeld.

3. Geslaagd zijn voor het schriftelijk examen voor het C-diploma.

C-licentie:

Behalen: hiervoor dient men in principe te voldoen aan de volgende punten.

1. In het bezit zijn van het C-diploma.

2. In principe aan drie wedstrijden als hoekscheidsrechter hebben meegedaan met een voldoende

beoordeling, binnen een jaar na het behalen van het C-diploma.

Behouden:

3. Om de C-licentie te behouden dient hij in principe drie evenementen per kalenderjaar beoordeeld

te zijn als actief hoekscheidsrechter met een voldoende.

B-diploma:

Behalen: hiervoor dient men in principe te voldoen aan de volgende punten.

1. In het bezit te zijn van de C-licentie en minimaal van de 1ste Dan Taekwon-Do.

2. In principe drie opeenvolgende jaren jaarlijks drie wedstrijden als hoek- en matscheidsrechter met

goed zijn beoordeeld.

3. Geslaagd zijn voor het schriftelijk examen voor het B-diploma.

B-licentie:

Behalen: hiervoor dient men in principe te voldoen aan de volgende punten.

1. In het bezit zijn van het B-diploma.

2. In principe aan drie wedstrijden als mat- en/of hoofdscheidsrechter hebben meegedaan met een

voldoende beoordeling, binnen een jaar na het behalen van het B-diploma.

Behouden:

3. Men moet minimaal in principe aan drie evenementen per kalenderjaar als hoek-, mat- en/of hoofdscheidsrechter

deelnemen met voldoende gevolg.

4. Indien men niet voldoet aan punt 3 wordt in principe de licentie ingetrokken, men valt dan terug

naar de C-licentie en moet opnieuw voldoen aan de praktijk opleiding van punt 2.

A-licentie:

Behalen: hiervoor dient men in principe te voldoen aan de volgende punten.

1. In het bezit te zijn van de B-licentie en minimaal de 4de Dan Taekwon-Do.

2. In principe drie opeen volgende jaren jaarlijks drie wedstrijden als mat- en/of hoofdscheidsrechter

met goed zijn beoordeeld.

3. Na praktische opleiding tot algemeen hoofdscheidsrechter.

Behouden:

6. Men moet in principe minimaal aan drie evenementen, waarvan in principe tenminste één internationaal,

per kalenderjaar als hoek-, mat-, hoofdscheidsrechter deelnemen met voldoende gevolg.

Men moet in principe aan minimaal één wedstrijd deelnemen als algemeen hoofdscheidsrechter.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

39

Algemeen:

1. Men dient minimaal lid te zijn van de ITF Royal Dutch.

2. De Taekwon-Do graad moet minimaal 1ste kub zijn.

3. De scheidsrechter moet in het bezit zijn van een geldige ITF Royal Dutch scheidsrechterslicentie,

met uitzondering van scheidsrechters in opleiding.

4. Indien een licentie meer dan twee jaar is verlopen, is het ter beoordeling van de SC of de betreffende

persoon een opfrissings-cursus moet volgen alvorens hij aan de praktijk opleiding kan gaan

beginnen voor de betreffende licentie.

5. De SC behoudt zich het recht voor om van bepaalde ‘toelatingseisen’ af te wijken, mits dit het

scheidsrechteren in het algemeen ten goede komt,

6. In gevallen waarin dit reglement niet voorziet of waar onduidelijkheid bestaat over de uitleg beslist

de SC.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

40

WEDSTRIJDREGLEMENT ITF Royal Dutch

1. Algemene bepalingen 43

1.01 Doel 43

1.02 Werkterrein 43

1.03 Wijzigingen 43

1.04 Wedstrijdorganisatie 43

1.05 Definities 43

1.06 Wedstrijdonderdelen 44

1.07 Medische begeleiding 44

2. Algemeen wedstrijdreglement 45

2.01 Algemene deelname voorwaarden 45

2.02 Uitsluiting van deelname 45

2.03 Voorzieningen 45

2.04 Arbitrage 46

2.05 Wedstrijdvlak en startplaatsen 46

2.06 Uiterlijk, voorkomen en uitrusting van deelnemers 46

2.07 Gewichtscontrole 46

2.08 Medische indicatie 46

2.09 Coaching 46

2.10 Ongevallen en blessures 47

3. Sparring 48

3.01 Werkwijze tijdens wedstrijden 48

3.02 Wedstrijdvlak: afmeting en startplaatsen 48

3.03 Voorzieningen 48

3.04 Wedstrijdduur 48

3.05 Wedstrijdsysteem 49

3.06 Uitrusting van deelnemers 49

3.07 Eisen safety-equipment 49

3.08 Leeftijdscategorieën 50

3.09 Graduatiecategorieën 50

3.10 Gewichtscategorieën 50

3.11 Poule indeling 51

3.12 Puntentelling 51

3.13 Beslissing bij een gelijke eindstand 51

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

41

4. Tuls 52

4.01 Wedstrijdvlak: afmetingen en startplaatsen 52

4.02 Uitrusting van deelnemers 52

4.03 Werkwijze tijdens wedstrijden 52

4.04 Leeftijdscategorieën 52

4.05 Graduatiecategorieën 52

4.06 Deelname criteria 52

4.07 Gewichtscategorieën 53

4.08 Poule indeling 53

4.09 Wedstrijdduur 53

4.10 Beoordelingsformulier 53

Bijlage I: Tul beoordelingsformulier 53

5. Breektechnieken 54

5.01 Wedstrijdvlak: afmetingen en startplaatsen 54

5.02 Uitrusting van deelnemers 54

5.03 Uitvoering van de technieken 54

5.04 Leeftijdscategorieën 54

5.05 Graduatiecategorieën 54

5.06 Gewichtscategorieën 54

5.07 Poule indeling 54

5.08 Wedstrijdduur 54

5.09 Beslissing bij gelijke eindstand 54

5.10 Technieken 54

5.11 Werkwijze 55

5.12 Wedstrijdformulier 56

6. Team ontmoetingen 57

6.01 Wedstrijdvlak: afmetingen en startplaatsen 57

6.02 Uitrusting van deelnemer 57

6.03 Uitvoering van technieken 57

6.04 Leeftijdscategorieën 57

6.05 Graduatiecategorieën 57

6.06 Aantal deelnemers per team 57

6.07 Gewichtscategorieën 57

6.08 Wedstrijdonderdelen 57

6.09 Poule indeling 58

6.10 Wedstrijdduur 58

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

42

7. Prijsuitreiking 59

7.01 Tijdstip van de prijsuitreiking 59

7.02 Kleding tijdens de prijsuitreiking 59

8. Kledingreglement 60

8.01 Kledingreglement deelnemers 60

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

43

1. ALGEMENE BEPALINGEN

1.01 Doel

Het wedstrijdreglement heeft als doel veilige en sportieve Taekwon-Do wedstrijden te garanderen.

1.02 Werkterrein

Het wedstrijdreglement is van toepassing op alle Taekwon-Do wedstrijden georganiseerd door of

onder auspiciën van de ITF Royal Dutch.

In alle gevallen waar het wedstrijdreglement niet in voorziet of in alle gevallen waar twijfel bestaat

over de uitleg van dit reglement, zullen leden van de Wedstrijd Organisatie Commissie of door haar

aangewezen personen die als zodanig fungeren en de algemeen hoofdscheidsrechter een beslissing

nemen. Deze beslissing is bindend voor alle partijen.

1.03 Wijzigingen

Wijzigingen van het wedstrijdreglement moeten goedgekeurd worden door het hoofdbestuur van de

ITF Royal Dutch, en de SC, middels ondertekening van alle gedateerde stukken door:

- de voorzitter van de ITF Royal Dutch, of diens plaatsvervanger

- de voorzitter van de SC, of diens plaatsvervanger

Per wijziging van het wedstrijdreglement moet worden aangegeven wanneer deze in werking treedt.

Het gewijzigde reglement moet bekend gemaakt worden in een publicatie minimaal drie maanden

voor de datum waarop de wijziging van kracht wordt.

1.04 Wedstrijdorganisatie

De wedstrijdorganisatie wordt gevormd door de leden van de organiserende school of door haar aangewezen

personen die als zodanig fungeren, de aangewezen tijdwaarnemers(sters) en de administratieve

medewerkers(sters).

1.05 Definities

Partij: Een partij is een ontmoeting waarin men via een krachtmeting (direct of indirect) tot een winnaar

komt.

Wedstrijd: Een wedstrijd is een aantal partijen op één of meer wedstrijdonderdelen.

Toernooi: Een toernooi is een aantal partijen op één of meer wedstrijdonderdelen waarbij eventueel

titels te vergeven zijn (bv regio- of nationaalkampioen, Europees- of wereldkampioen).

Wedstrijdvlak: De ruimte (het veld) waar de krachtmeting plaatsvindt, niet de hal of andere locatie

waar het toernooi wordt gehouden.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

44

1.06 Toernooisoorten, wedstrijdonderdelen

Toernooisoorten:

- Nationaal (alleen voor ITF Royal Dutch-leden)

- Open

- Internationaal

Toernooien zijn voor individuen en/of teams.

Wedstrijdonderdelen:

- Sparring;

- Stijloefeningen (vb. Tuls);

- Speciale technieken (vb. breektesten).

1.07 Medische begeleiding

Tijdens elk toernooi moeten er minimaal twee E.H.B.O.-ers in de zaal aanwezig te zijn.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

45

2. ALGEMEEN WEDSTRIJDREGLEMENT

2.01 Algemene deelname voorwaarden

Voor alle toernooisoorten geldt dat een taekwondoin mag deelnemen aan:

- nationale toernooien, als de taekwondoin lid is van een bij de ITF Royal Dutch aangesloten vereniging

of school in Nederland en in het bezit is van een ITF Royal Dutch paspoort en een geldig

betalingsbewijs en de taekwondoin voldoet aan de in de uitnodiging vermelde voorwaarden.

- open nationale toernooien, als de taekwondoin voldoet aan de in de uitnodiging vermelde voorwaarden

en de taekwondoin de belangen van de ITF Royal Dutch niet schaadt.

- internationale toernooien, als de taekwondoin voldoet aan de in de uitnodiging vermelde voorwaarden

en de taekwondoin de belangen van de ITF Royal Dutch niet schaadt.

2.02 Uitsluiting van deelname

Uitsluiting van deelname kan volgen doordat tijdens de gewichtscontrole blijkt dat de deelnemer:

1. niet voldoet aan de in de uitnodiging vermelde voorwaarden.

2. een graduatie heeft opgegeven die niet overeenkomt met de graduatie in het ITF Royal Dutch

paspoort.

3. een afwijkend gewicht heeft opgegeven voor de wedstrijd, met inachtneming van de geldende marges

(1,0 Kg), zodat de deelnemer in een verkeerde (lagere) gewichtscategorie is ingedeeld.

4. bij wedstrijden niet in staat is een ITF Royal Dutch-paspoort of geldig betalingsbewijs van bondsgelden

te overleggen of een soortgelijk document.

5. ingeschreven staat als scheidsrechter voor het betreffende evenement.

6. t/m 6e dan is deelname mogelijk.

2.03 Voorzieningen

Bij elk door de ITF Royal Dutch of onder de auspiciën van de ITF Royal Dutch georganiseerde wedstrijd

moeten voorzieningen aanwezig zijn voor de wedstrijdorganisatie, de medische verzorging, de

wegingcommissie.

Voorzieningen ten behoeve van de wedstrijdorganisatie

- een jurytafel die plaats biedt aan minimaal 5 personen en zodanig centraal ten opzichte van de wedstrijdvlakken

opgesteld is dat deze geen hinder oplevert voor het publiek;

- een goed werkende omroepinstallatie;

- een tafel, groot genoeg voor het plaatsen van alle prijzen.

Voorzieningen ten behoeve van de medische verzorging

Er moet in de wedstrijdaccommodatie een ruimte beschikbaar zijn voor de verzorging van blessures,

grenzend aan de ruimte waar de wedstrijden plaatsvinden.

Voorzieningen ten behoeve van de gewichts-, graduatie- en paspoortcontrole

Er moet een ruimte aanwezig zijn, waar de gewichtscontrole voorafgaande aan de wedstrijden ongehinderd

kan plaatsvinden. In deze ruimte moeten twee stoelen en één tafel aanwezig zijn.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

46

2.04 Arbitrage

Per wedstrijd wordt er door de SC een algemeen hoofdscheidsrechter aangewezen.

Per wedstrijdvlak wordt er door de algemeen hoofdscheidsrechter in principe een hoofdscheidsrechter,

een matscheidsrechter en vier hoekscheidsrechters aangewezen.

2.05 Wedstrijdvlak en startplaatsen

De lijnen van het wedstrijdvlak moeten worden aangegeven op een effen ondergrond met een contrasterende

markering ten opzichte van deze ondergrond.

De startplaatsen moeten worden aangegeven met een contrasterende markering ten opzichte van de

ondergrond.

2.06 Uiterlijk, voorkomen en uitrusting van deelnemers

Elke ITF Royal Dutch-deelnemer dient op het toernooi te verschijnen met een schone dobok die voldoet

aan het kledingreglement van de ITF Royal Dutch.

Verder dient elke deelnemer een verzorgd uiterlijk te hebben, kort geknipte nagels en indien nodig

een haarband. Voor mannelijke deelnemers is het verboden om een hemd of T-shirt onder de dobok

te dragen.

Het is voor deelnemers verboden op het wedstrijdvlak te verschijnen als men sieraden draagt.

Het is voor deelnemers verboden een bescherming te dragen anders dan is voorgeschreven.

De SC en/of WOC kan onder bepaalde voorwaarden het dragen van extra bescherming door deelnemers

verplichten of adviseren.

Deelnemers mogen een oogcorrectie dragen als deze van het type (sport-) veiligheidsbril of zachte

contactlens is.

2.07 Gewichtscontrole

De gewicht- en paspoortcontrole vindt plaats voor aanvang van de wedstrijd en wordt uitgevoerd

door een WOC-lid en een scheidsrechter die is aangewezen door de algemeen hoofdscheidsrechter,

geassisteerd door 1 of meerdere tafelmedewerkers.

2.08 Medische indicatie

Een medische indicatie is geldig als deze voldoet aan de volgende voorwaarden:

1. hij moet zijn afgegeven door een praktijkgemachtigde arts in Nederland of bij internationale

wedstrijden zijn afgegeven door een praktijkgemachtigde arts in het land waarvoor de deelnemer

uitkomt;

2. in de medische indicatie moeten medische redenen opgesomd worden om de afwijkende uitrusting

ten opzichte van de verplichte uitrusting te rechtvaardigen;

3. de medische indicatie moet zijn gedateerd en mag niet ouder zijn dan maximaal 14 dagen;

4. de verklaring moet in het Nederlands, Engels, Duits of Frans zijn opgesteld;

5. mag geen voordeel opleveren voor de deelnemer

2.09 Coachen

Het is de deelnemers toegestaan zich te laten begeleiden door een coach, mits:

- het maximaal aantal coaches beperkt blijft tot 4 per ingeschreven school of vereniging;

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

47

- bij minder dan 6 deelnemers of 3 teams tot één coach per 3 deelnemers of per team;

- de coach zich houdt aan de regels van het coachingreglement.

De coachband wordt op naam uitgegeven en is niet overdraagbaar (alleen met toestemming van de

alg. hoofdscheidsrechter) aan andere personen.

In geval van overtreding zal de betreffende coachband direct worden ingenomen en zal de persoon

worden verwezen naar de tribune.

2.10 Ongevallen en blessures

Elke deelnemer heeft het recht zich tijdens de partij te laten onderzoeken of behandelen door een

E.H.B.O.-er of arts.

De maximale tijdsduur hiervoor bedraagt in principe 3 minuten per deelnemer per wedstrijd.

Deze tijd wordt bijgehouden door de hoofdscheidsrechter.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

48

3. SPARRING

3.01 Werkwijze tijdens wedstrijden

De deelnemers worden opgeroepen door de wedstrijdorganisatie. De eerst opgeroepene draagt een

rood herkenningsteken en neemt de linker startplaats in, bezien vanaf de jurytafel.

De andere deelnemer draagt een blauw herkenningsteken en neemt de rechter startplaats in, bezien

vanaf de jurytafel.

Bij aanvang van een partij groeten de deelnemers op commando van de matscheidsrechter, de hoofdscheidsrechter

en vervolgens elkaar. Daarna controleert de matscheidsrechter de uitrusting van de

deelnemers. Bij het einde van de partij verloopt de groetprocedure in de omgekeerde volgorde.

De winnaar wordt door de hoofdscheidsrechter bekend gemaakt aan de matscheidsrechter, waarna

deze zijn arm heft aan de zijde van de winnaar terwijl hij met 1 been achteruit stapt.

Indien per partij twee ronden worden gestreden, gaan de deelnemers tijdens de onderbreking tussen

de twee ronden naar de zijde van het wedstrijdvlak, waar de coach zich bevindt.

De deelnemers mogen zich tijdens een onderbreking van de partij niet van het wedstrijdvlak verwijderen

(uitgezonderd in noodgevallen) en dienen bij de eerste oproep hun startpositie op het wedstrijdvlak

weer in te nemen.

Na afloop van de partij gaan beide deelnemers op hun startpositie, met de rug naar elkaar toegekeerd,

op hun knieën zitten in afwachting van de uitslag van deze partij.

Deelnemers zijn zelf verplicht de wedstrijdvolgorde bij te houden plus het wedstrijdvlak waar zij

op moeten komen. Na driemaal te zijn opgeroepen, worden zij geacht niet meer aanwezig te zijn en

automatisch verliezer. Tijdens de wedstrijden is het verboden voor deelnemers/coaches door het wedstrijdvlak

te lopen als zij daar niet met een wedstrijd bezig zijn.

3.02 Wedstrijdvlak: afmeting en startplaatsen

De afmeting van het wedstrijdvlak bedraagt:

lengte x breedte = 8 x 8 meter.

Indien er met een wedstrijdmat gewerkt word dan moet er op 1 (één) meter aan de buitenzijde van

de markering van het wedstrijdvlak een tweede markering worden aangebracht middels een zelfde

contrasterende markering.

De twee startplaatsen bevinden zich één meter rechts en links van het centrum van het veld bezien

vanaf de jurytafel, aangegeven door een markering van ± 1 meter lang.

3.03 Voorzieningen

Per wedstrijdvlak moet aanwezig zijn:

- één jurytafel, groot genoeg voor de hoofdscheidsrechter, de tijdwaarnemer(ster) en de administratieve

medewerker(ster), voorzien van evenveel stoelen als er personen aanwezig moeten zijn;

- stoelen op de hoeken buiten het wedstrijdvlak, voor elke hoekscheidsrechter één;

- één stoel aan de linker- en één stoel aan de rechterzijde voor de coaches, bezien vanaf de jurytafel,

ter hoogte van het midden, buiten het wedstrijdvlak (2 meter vanaf de lijn).

3.04 Wedstrijdduur

De wedstrijdduur is per klasse aangegeven in onderstaand overzicht, met een onderscheid tussen

jeugd, junioren, senioren heren en senioren dames.

Klasse Voorronde Finale

Jeugd/junioren B 1x 1½ min. 2x 1 min. (½ min. pauze)

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

49

Jeugd A /dames B 1x 1½ min. 2x 1½ min. (½ min. pauze)

Junioren A: 2 × 2 min. (1 min. pauze)

Senioren heren B: 1x 2 min. 2x 2 min. (1 min. pauze)

Senioren heren A / dames A: 2 x 2 min. (1 min. pauze)

Bij de hantering van een C-klasse worden de tijden van de B-klasse aangehouden.

De wedstrijdduur is aangegeven in minuten en inclusief de onderbrekingen van de mat-/hoofdscheidsrechter

tenzij deze aangeeft de tijd te stoppen.

Indien noodzakelijk kan de WOC of door haar aangewezen personen die als zodanig fungeren, een

andere wedstrijdduur bepalen, alsmede het aantal ronden in de finale beperken tot één.

3.05 Wedstrijdsysteem

Puntstop: B- en C-klasse

Doorgaand: A-klasse

3.06 Uitrusting van deelnemers

Kleding volgens het kledingreglement.

De SC verplicht deelnemers tot het dragen van de volgende bescherming:

- een kruisbeschermer voor mannelijke deelnemers, onder de dobok;

- handbeschermers;

- voetbeschermers.

De SC staat het dragen van de volgende bescherming toe:

- een gebitbeschermer;

- een hoofdbeschermer;

- zachte scheenbeschermers;

- zachte onderarmbeschermers;

- een kruisbeschermer voor vrouwelijke deelnemers;

- een borstbeschermer voor vrouwelijke deelnemers.

Het is verboden een bescherming te dragen die gevaar kan veroorzaken en of schade kan toebrengen

aan anderen en het dient in deugdelijke staat te zijn.

Het is toegestaan een afwijkende of additionele bescherming te dragen mits:

- de deelnemer in het bezit is van een geldige medische indicatie en

- de algemeen hoofdscheidsrechter een “Geen bezwaar”-verklaring heeft afgegeven en

- dit niet leidt tot een duidelijk voordeel ten opzichte van de tegenstander(s).

- dit niet leidt tot een gevaar voor de tegenstander.

3.07 Eisen safety equipment

De diverse beschermingsmaterialen dienen aan de volgende eisen te voldoen.

Algemeen:

- het equipment moet gemaakt zijn van zacht materiaal waarvan de trefvlakken een dikte moeten hebben

van 2 - 4 centimeter;

- het equipment moet een goede pasvorm hebben zodat deze niet op ongewenste momenten uitgaat;

- er mogen geen scherpe of harde onderdelen aan zitten;

- het materiaal mag niet ruw zijn.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

50

1. de handbeschermer:

- de vingers en de duim moeten zijn ingesloten;

- de binnenkant van de hand moet zichtbaar zijn i.v.m. controle op bandages. Dus geen bokshandschoenen.

2. de voetbeschermer:

- moet vanaf de bovenzijde van de enkel tot de voetzool en de onderzijde van de tenen alles omsluiten.

3. de scheenbeschermer:

- mag een maximale lengte hebben van de onderkant van de knieschijf tot aan de bovenkant van de

voetbeschermer;

- dient uit één geheel te bestaan;

- dient onder de dobok te worden gedragen.

4. de onderarmbeschermer:

- mag een maximale lengte hebben van de onderkant van de elleboog tot aan de bovenkant van de

handbeschermer;

- dient uit één geheel te bestaan;

- dient onder de dobok te worden gedragen.

5. de hoofdbeschermer

- mag geen bewegingsbeperking veroorzaken, het aangezicht dient vrij te blijven;

- dient de zij- en achterkant van het hoofd zo te beschermen dat deze niet het vloeroppervlak kan

raken.

6. de borstbeschermer

- mag geen bewegingsbeperking veroorzaken;

- dient uit één geheel te bestaan;

- dient onder de dobok gedragen te worden.

3.08 Leeftijdscategorieën

- Jeugd t/m 14 jaar

- Junioren 15 t/m 17 jaar.

- Senioren 18 jaar en ouder.

Voor deelname aan wedstrijden is de leeftijd en graduatie ten tijde van de wedstrijd bepalend, behalve

indien men zich moest kwalificeren dan geldt de leeftijd en graduatie ten tijde van de kwalificatie.

3.09 Graduatiecategorieën

- 4e Kub t/m 6e Dan (A-klasse)

- 8ste t/m 5e Kub (B-klasse)

- 8ste Kub t/m 6e Dan (C-klasse)

3.10 Gewichtscategorieën

- Jeugd: -25, -30, -35, -40, -45, -50, -55, -60 en +60 kg.

- Junioren Dames: -45, -50, -55, -60, -65, +65 kg

- Junioren Heren: -50, -55, -60, -65, -70, +70 kg

- Senioren Heren: -58, -64, -70, -76, -82, +82 kg

- Senioren Dames: -50, -55, -60, -65, -70, +70 kg op gewicht gelijk verdeelt, afhankelijk van de inschrijvingen.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

51

3.11 Poule indeling

De wedstrijd organisatie maakt vooraf een keus voor welke graduatie- en leeftijdscategorieën de

wedstrijden worden uitgeschreven. Hiervoor worden de bij punt 3.10 genoemde gewichtsklassen

gehanteerd, waarbij één van de volgende regels kan worden gehanteerd bij onvoldoende deelnemers

in een gewichtsklasse:

- Minimum aantal deelnemers in een poule is drie. Wanneer er minder deelnemers zijn worden deze

doorgeschoven naar de daarop volgende hogere gewichtsklasse.

Jeugd/Junioren:

- De gewichtsklassen kunnen worden aangepast aan de inschrijvingen. Hierbij uitgaande van een

maximum van 9 gewichtsklassen bij de jeugd, doch met niet meer dan 5 Kg verschil tussen min. en

max. per gewichtsklasse. Voor de junioren zijn dit 6 gewichtsklasse, met een verschil tussen min. en

max. van 5 Kg per gewichtsklasse.

3.12 Puntentelling

Voor een correct uitgevoerde geoorloofde techniek op een geoorloofd deel van het lichaam geldt:

1 punt voor een handtechniek op lichaam of hoofd

2 punten voor een voettechniek op het lichaam

3 punten voor een voettechniek op het hoofd

3.13 Beslissing bij een gelijke eindstand

Indien een partij onbeslist eindigt en er een winnaar uit moet komen dan treedt de volgende procedure

in werking, totdat er een beslissing valt:

1. een minuut verlenging

2. 2e verlenging zonder tijdlimiet waarbij de eerste score wint.

Bij verlenging vervallen alle van te voren gegeven waarschuwingen.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

52

4. TULS

4.01 Wedstrijdvlak: afmetingen en startplaatsen

Het wedstrijdvlak moet uitgezet worden op een harde en effen ondergrond.

4.02 Uitrusting van deelnemers

Volgens het kledingreglement.

4.03 Werkwijze tijdens wedstrijden

De beoordeling van Tuls moet geschieden door een jury bestaande uit minimaal drie en maximaal vijf

scheidsrechters.

Het toekennen van punten geschied schriftelijk of in de vorm van hand opsteken. Als de jury uit vijf

scheidsrechters bestaat vervallen de hoogste en laagste waardering.

Bij handopsteken dient de jury uit een oneven aantal (bij voorkeur vijf) scheidsrechters te bestaan.

4.04 Leeftijdscategorieën

- Jeugd t/m 14 jaar

- Junioren 15 t/m 17 jaar.

- Senioren 18 jaar en ouder.

(bij aanvang van het Toernooi).

4.05 Graduatiecategorieën

- 1e t/m 6e Dan (AA-klasse)

- 4e Kub t/m 1e Kub (A-klasse)

- 8e t/m 5e Kub (B-klasse)

- 8e Kub t/m 6e Dan (C-klasse)

4.06 Deelname criteria

Er mag geen hogere verplichte tul gedemonstreerd worden dan voor de volgende graad gekend moet

worden.

Graad t/m Tul

8e Kub : t/m Do-San

7e Kub: t/m Won-Hyo

6e Kub: t/m Yul-Gok

5e Kub: t/m Joong-Gun

4e Kub: t/m Toi-Gye

3e Kub: t/m Hwa-Rang

2e Kub: t/m Choong-Mu

1e Kub: t/m Choong-Mu

1e Dan: competitie tegen 1e Dan waarbij de verplichte als de optionele tul gekozen word van Chon-Ji

t/m Ge-Baek

2e Dan: competitie tegen 2e Dan waarbij de verplichte als de optionele tul gekozen word van Chon-Ji

t/m Kodang

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

53

3e Dan: competitie tegen 3e Dan waarbij de verplichte als de optionele tul gekozen word van

Chon-Ji t/m Choi-Yong

4e Dan: competitie tegen 4e Dan waarbij de verplichte als de optionele tul gekozen word van

Chon-Ji t/m Moon-Moo

5e en 6e Dan: competitie waarbij de verplichte als de optionele tul gekozen word van Chon-Ji t/m

Tong-Il

Als er in een categorie niet voldoende deelnemers zijn dan kunnen categorieën worden samengevoegd.

Dan geldt dat de verplichte tul niet hoger mag zijn dan voor de laagste graduatie van de betreffende

categorie geldt.

4.07 Gewichtscategorieën

Niet van toepassing.

4.08 Poule indeling

De poule indeling wordt per evenement bepaald.

4.09 Wedstrijdduur

Niet van toepassing.

4.10 Beoordelingsformulier

Tuls worden aan de hand van een beoordelingsformulier beoordeeld.

Daarbij worden de volgende punten beoordeeld:

- Technische inhoud

- Kracht

- Balans

- Ademhaling

- Ritme

Bijlage I: Tul beoordelingsformulier:

pattern individual scoring form

ring no max technical

content

power

balance

breath

control

rhythm

sub total

total ‘‘d + o’’

5

3

3

3

3

red hong bleu chong

d o d o

judge:

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

54

5. BREEKTECHNIEKEN

5.01 Wedstrijdvlak: afmetingen en startplaatsen

Het wedstrijdvlak moet uitgezet worden op een harde en effen ondergrond.

5.02 Uitrusting van deelnemers

Volgens het kledingreglement.

5.03 Uitvoering van de technieken

Algemeen: de deelnemer groet naar de scheidsrechter, neemt verdedigingshouding aan, mag 1 maal

afmeten, (terug in verdedigingshouding), voert techniek uit, verdedigingshouding, groet af naar

scheidsrechter.

Staand: het is geoorloofd in te slippen (niet instappen), maar het is niet geoorloofd te springen; dat

betekent dat er ten alle tijden 1 voet aan de grond dient te blijven.

Gesprongen: vanuit stand direct omhoog, geen tussenstand, geen voorhup.

5.04 Leeftijdscategorieën

- Junioren 14 t/m 17 jaar

- Senioren 18 jaar en ouder

(bij aanvang van het Toernooi).

5.05 Graduatiecategorieën

- 1ste t/m 6de Dan (AA-klasse)

- 4de Kub t/m 1ste Kub (A-klasse)

- 8ste t/m 5de Kub (B-klasse)

- 8ste Kub t/m 6de Dan (C-klasse)

5.06 Gewichtscategorieën

Niet van toepassing tenzij vermeld in de uitnodiging.

5.07 Poule indeling

De ingeschreven deelnemers zullen afhankelijk van leeftijd en graduatie in een poule ingedeeld worden.

5.08 Wedstrijdduur

Niet van toepassing tenzij vermeld in de uitnodiging.

5.10 Technieken

Er zijn 5 (vijf) Technieken die uitgevoerd dienen te worden

1. Ap-Joomuk Taerigi voorwaartse vuistslag

2. Sonkal Taerigi meshand slag

3. Yopcha Jirugi zijwaartse stoottrap

4. Dollyo Chagi Ronde trap

5. Bandae Dollyo Chagi Achterwaartse hieltrap

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

55

De meshandslag kan op 2 manieren uitgevoerd worden, binnenwaarts of buitenwaarts.

Het is niet noodzakelijk dat elke deelnemer bij elke techniek een poging doet. Maar de uiteindelijke

winnaar wordt bepaald door de totale score van alle technieken.

Senioren Heren: voeren technieken 1 – 2 – 3 – 4 – 5 uit

Senioren Dames: voeren technieken 2 – 3 – 4 uit.

Junioren Heren: voeren technieken 2 – 3 – 4 – 5 uit.

Junioren Dames: voeren technieken 2 – 3 – 4 uit.

1 De organisatie bepaalt hoeveel plankjes voor elke techniek gebruikt worden.

2 Plankjes hebben een afmeting van 30 × 30 cm.

3 De organisatie kan gebruik maken van plastic of houten plankjes.

4 De scheidsrechters moeten elk plank voor en na elke breekpoging beoordelen.

5 Elke gebroken plank telt voor 2 punten, elke gebarsten plank telt voor 1 punt.

6 Is er een gelijke stand tussen 2 of meer tegenstanders nadat alle technieken zijn geweest, dan kiest

de organisatie 1 techniek door loting. Ook kiest de organisatie met hoeveel planken er gestreden

word.

7 De deelnemer met de meeste punten nadat alle technieken geweest zijn is de winnaar.

8 Er wordt een bok gebruikt om de planken in te plaatsen zodat er een gelijkwaardige weerstand is

voor alle deelnemers.

5.11 Werkwijze

1. De deelnemer mag 1 keer afmeten, de plank mag daarbij geraakt worden.

2. Voor elke techniek heeft elke deelnemer 1 (één) kans om te breken. Op het commando van de

scheidsrechter neemt de deelnemer een verdedigingshouding aan, probeert de plank te breken in

1 (één) doorgaande (ononderbroken) beweging en eindigt in dezelfde verdedigingshouding als in

het begin.

3. Na het commando van de scheidsrechter heeft de deelnemer 30 seconden om zijn techniek uit te

voeren.

De scheidsrechters letten hierbij op:

1. een correcte balans en lichaamshouding gedurende de uitvoering van de techniek

2. een correcte techniek en correcte uitvoering van deze techniek.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

56

5.12 Wedstrijdformulier

De verrichtingen van de deelnemers kan bijgehouden worden op het volgende formulier:

individual male power test

name no country test test test test test total extra total

a b c d e test points

1ste 2nd 3rd

Jury President:

3rd

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

57

6. TEAM ONTMOETINGEN

6.01 Wedstrijdvlak: afmetingen en startplaatsen

Het wedstrijdvlak moet worden uitgezet op een harde en effen ondergrond

6.02 Uitrusting van deelnemer

Volgens kleding en wedstrijdreglement

6.03 Uitvoering van technieken

Tenzij anders vermeld in uitnodiging.

Zie de betreffende hoofdstukken in dit reglement.

6.04 Leeftijdscategorieën

- Jeugd t/m 14 jaar

- Junioren 15 t/m 17 jaar (bij aanvang van het Toernooi).

- Senioren 18 jaar en ouder.

Het inschuiven van een deelnemer in een hogere leeftijdscategorie is mogelijk, mits de deelnemer

binnen een jaar de leeftijd heeft bereikt om door te stromen naar de hogere leeftijdscategorie.

6.05 Graduatiecategorieën

- 8ste t/m 5e Kub (B-klasse)

- 4e Kub t/m 6e Dan (A-klasse)

6.06 Aantal deelnemers per team

- maximaal 5 en minimaal 3 (Jongens/Heren)

- maximaal 3 en minimaal 2 (Meisjes/Dames)

- Combinatie van meisjes en jongens / dames en heren (alleen bij tuls) maximaal 5 en minimaal 3

Een team mag alleen bestaan uit leden van dezelfde school/vereniging

6.07 Gewichtscategorieën

5 deelnemers, gewichten naar vrije keus.

6.08 Wedstrijdonderdelen

Tuls

Het team loopt in groepsverband 1 verplichte en 1 keuze tul.

Keuze tul voor B-klasse tot maximaal 6e tul Joong-Gun

Keuze tul voor A-klasse tot maximaal 12e tul Ge-Baek

Verplichte tul tot maximaal de tul die je moet kennen voor de persoon met de laagste graduatie in dat

team. Als na de verplichte en de keuze tul de stand nog gelijk is word er nog een extra tul gelopen.

Deze tul wordt door de organisatie bepaald.

Gecombineerde teams (jongens / meisjes) is mogelijk.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

58

De Teamprestatie wordt beoordeeld aan de hand van de volgende punten:

• Presentatie, Groepswerk en Choreografie

• Technische inhoud

• Kracht

• Balans

• Ademhaling

• Ritme

Sparring:

Bij de jeugd is de teamsamenstelling vrij.

3 sparringspartijen: er wordt getost. De winnaar van de tos bepaalt of hij begint of de tegenstander

laat beginnen met het kiezen van de eerste deelnemer. Elke coach zet om de beurt 1 deelnemer in. De

andere coach zet daar een deelnemer tegenover. Dit hoeft niet hetzelfde gewicht te zijn.

De uitslag van een sparringspartij kan onbeslist zijn, m.a.w. er hoeft geen winnaar uit te komen.

Het winnende team krijgt 2 punten, is de uitslag van die partij gelijk dan krijgen beide teams 1 punt.

Als na 3 partijen de stand gelijk is dan volgt er nog 1 partij.

Bij sparring is een gecombineerd team (jongens / meisjes) niet mogelijk.

6.09 Poule indeling

De ingeschreven teams zullen afhankelijk van leeftijd en graduatie in een poule ingedeeld worden.

6.10 Wedstrijdduur

Elke partij 1 × 2 minuten

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

59

7. PRIJSUITREIKING

7.01 Tijdstip van de prijsuitreiking

De prijsuitreiking kan plaatsvinden direct na een poule of aan het einde van het totale evenement.

7.02 Kleding tijdens de prijsuitreiking

Om een prijs in ontvangst te kunnen nemen dient een deelnemer gekleed te gaan volgens het kledingreglement.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

60

8. KLEDINGREGLEMENT

8.01 Kledingreglement deelnemers.

De volgende regels voor wat betreft de kleding van de deelnemers dient in acht genomen te worden.

A Dobok

Traditioneel wit Taekwon-Do pak met overslag. Of een ITF pak met voorsluiting. Het pak dient aan

de voorkant open te kunnen.

Jas

Embleem: toegestaan is. I.T.F. of schoolembleem, met een maximum van twee emblemen.

- Indien men één (1) embleem heeft dient men deze aan de linkerkant te dragen

- Indien men twee emblemen draagt de volgende volgorde aanhouden:

I.T.F. embleem altijd aan de linkerkant, ander embleem rechts

Indien men alleen een schoolembleem draagt dan deze aan de linkerkant.

Toegestaan is het bondsembleem ITF Royal Dutch op de linker schouder.

Let op! Er dient wel altijd een embleem gedragen te worden, aan de linkerzijde, op borsthoogte.

Op de rugzijde mag een I.T.F Taekwon-Do boom staan.

Broek

Op de broekspijp dient vanaf de kniehoogte verticaal naar beneden de letters I.T.F. gedrukt te staan.

- I.T.F. word aan beide kanten gebruikt.

B Band

Op de band van kupgraduaties moet een slip (streep) van 1 cm breed en 5 cm vanuit het einde van de

band gedragen worden.

De lengte van de slippen van de band tot halverwege het bovenbeen.

C Dangraadhouders 1e t/m 3e Dan

Jas afranden met zwarte band van 3 cm breed. (Onderzijde jas tot bandhoogte).

Dangraad wordt aangegeven in Romeinse cijfers binnen de breedte van de zwarte band (0,5 cm van

de rand afblijven) in goudkleurige of gele streepjes.

D Dangraadhouders 4e Dangraad en hoger

Zwarte streep langs de broek van 3 cm breed en een zwarte streep langs de mouwen tot de kraag van

3 cm breed.

Dangraad wordt aangegeven in Romeinse cijfers binnen de breedte van de zwarte band in goudkleurige

of gele cijfers.

Algemeen:

De dangraadhouders mogen met goudkleurige of gele letters hun naam plus Taekwon-Do in zowel

Nederlands en / of Koreaans aanbrengen.

Een officiele I.T.F. band is toegestaan.

I.T.F. pakken zijn dus toegestaan.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

61

Coachingsreglement

1. Algemene bepalingen 62

1.01 Doel 62

1.02 Werkterrein 62

1.03 Wijzigingen 62

1.04 Definitie 62

2. Reglement 63

2.01 Inschrijvingen 63

2.02 Verantwoordelijkheden 63

2.03 Weging van de deelnemers 63

2.04 Uitsluiting van het recht om te coachen 63

2.05 Plaats van coach bij het wedstrijdvlak 63

2.06 Protest bij een partij 64

2.07 Opgave van een partij 64

2.08 Officiele waarschuwing 64

2.09 Kledingvoorschrift 64

2.10 Gedragsregels 65

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

62

1. Algemene bepalingen

1.01 Doel

Het coachingreglement heeft als doel sportieve en veilige Taekwon-Do wedstrijden te garanderen.

1.02 Werkterrein

Het coachingreglement is van toepassing op alle Taekwon-Do wedstrijden georganiseerd door, of

onder auspiciën van ITF Royal Dutch.

In alle gevallen waar het coachingreglement niet in voorziet of in alle gevallen waar twijfel bestaat

over de uitleg van dit reglement, zullen leden van de Wedstrijd Organisatie Commissie of door haar

aangewezen personen die als zodanig opereren en de algemeen hoofdscheidsrechter een beslissing

nemen. De beslissing is bindend voor alle partijen.

1.03 Wijzigingen

Wijzigingen van het coachingreglment moeten worden goedgekeurd door het hoofdbestuur van de

ITF Royal Dutch , en de SC, middels ondertekening van alle gedateerde stukken door:

- de voorzitter van de ITF Royal Dutch , of diens plaatsvervanger.

- de voorzitter van de SC, of diens plaatsvervanger.

Per wijziging van het coachingreglement moet worden aangegeven wanneer deze in werking treedt.

Het gewijzigde reglement moet bekend gemaakt worden in een publicatie minimaal drie maanden

voor de datum waarop de wijziging van kracht wordt.

1.04 Definitie

Coachen: Het begeleiden van deelnemers tijdens deelname aan wedstrijden. De coach mag de deelnemer

aanwijzingen geven die zijn prestatie kunnen verbeteren. De coach dient zich volgens algemeen

geldende omgangsnormen te gedragen teneinde het verloop van de wedstrijd te bespoedigen.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

63

2. Reglement

2.01 Inschrijvingen

De naam van de coach of de namen van de coaches moeten voor aanvang van de wedstrijden bekend

zijn bij de leden van de WOC of de door haar aangewezen personen die als zodanig fungeren en bij de

algemeen hoofdscheidsrechter. Wijzigingen van coaches moeten bij de leden van de WOC of door haar

aangewezen personen die als zodanig fungeren voor aanvang van de wedstrijden worden aangemeld.

2.02 Verantwoordelijkheden

De coach is vanaf één uur voor de aanvang van het evenement tot één uur na afloop van het evenement

verantwoordelijk voor de gedragingen van diens deelnemers.

2.03 Weging van de deelnemers

De coach moet bij de weging van de deelnemers aanwezig zijn. Er word een plek aangewezen waar

de coach plaats dient te nemen. De coach mag niet in de buurt van de weegschaal komen. De coach

mag de weging niet beïnvloeden.

2.04 Uitsluiting van het recht om te coachen

Uitsluiting van het recht om te coachen geschiedt wanneer:

1. de persoon niet voldoet aan de leeftijdseis van 18 jaar;

2. de persoon geen lid is van de ITF Royal Dutch (geldt voor het coachen van ITF Royal Dutch leden)

3. de verschuldigde gelden van de coach aan de leden van de WOC of door haar aangewezen personen

die als zodanig fungeren, niet zijn voldaan;

4. de persoon tijdens het toernooi twee officiële waarschuwingen heeft ontvangen;

5. de persoon door het hoofdbestuur voor een bepaalde periode uitgesloten is om te coachen.

2.05 Plaats van de coach bij het wedstrijdvlak

De plaats van de coach bij het wedstrijdvlak is bij:

1. sparring, afhankelijk van de kleur van diens deelnemer, rood of blauw, respectievelijk, rechts of

links naast het wedstrijdvlak, bezien vanaf de jurytafel. De coach dient op de daar geplaatste stoel

plaats te nemen;

2. tuls, de coach dient op de daar geplaatste stoel plaats te nemen;

3. speciale technieken, de coach dient op de daar geplaatste stoel plaats te nemen.

Voor een coach geldt dat deze niet hinderlijk mag zijn voor een eventuele tegenstander, en tijdens de

wedstrijd niet met de scheidsrechter in discussie gaat, en / of opmerkingen mag maken over de leiding

van de scheidsrechter.

De coach mag niet achter de wedstrijdtafel komen. Voor informatie dient hij zich op een correcte manier,

met inachtneming van de juiste beleefdheidsvormen, te wenden tot de tafelmedewerkers.

2.06 Protesten bij een partij

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

64

Protesten dienen tijdens of direct na de partij te worden ingediend.

1. Middels het invullen van het daarvoor bestemde formulier en na betaling van € 25,00 per protest

aan de hoofdscheidsrechter van het betreffende wedstrijdvlak. De hoofdscheidsrechter vult samen

met de coach het protestformulier in. Indien het protest wordt gehonoreerd zal het bedrag geretourneerd

worden. Bij een protest heeft een coach het recht op inzage van alle voor het protest relevante

informatie.

2. Tijdens de behandeling van het protest ligt het betreffende veld stil en gaat pas verder nadat de

algemeen hoofdscheidsrechter een uitspraak heeft gedaan.

Indien een deelnemer geen coach heeft mag hij zelf een protest indienen.

2.07 Opgave van een partij

Opgave van een partij door de coach geschiedt bij:

1. sparring, door een handdoek in het wedstrijdvlak te gooien;

2. tuls, door afmelding van de betreffende deelnemer;

3. speciale technieken, door afmelding van de betreffende deelnemer.

2.08 Officiële waarschuwing

Officiële waarschuwingen kunnen door de mat-, hoofd- en/of algemeen hoofdscheidsrechter, eventueel

in overleg met de hoekscheidsrechters aan een coach worden gegeven voor de volgende feiten:

1. Het op een storende manier geven van aanwijzingen aan zijn deelnemer;

2. Het gebruik van onheuse taal t.o.v. scheidsrechters, officials en/of tegenstander;

3. Het niet opvolgen van aanwijzingen van de matscheidsrechter;

4. Bij gebleken onsportief gedrag.

Leden van de WOC welke onheus bejegend worden door de coach of waarvan de aanwijzingen niet

door de coach worden opgevolgd kunnen ook een officiële waarschuwing geven.

Bij het ontvangen van twee officiële waarschuwingen, gerekend over het gehele evenement, zal de

coach zich van het wedstrijdvlak dienen te verwijderen, m.a.w. uit de zaal.

Eventueel zal het ITF Royal Dutch -hoofdbestuur op verzoek van de SC een onderzoek starten welke

kan leiden tot strafmaatregelen tegen de coach.

Tegen een coach, welke gedurende het wedstrijdseizoen tijdens diverse evenementen herhaaldelijk

één officiële waarschuwing ontvangt, kan op voordracht van de SC / WOC tot de procedure tot strafmaatregelen

worden overgegaan.

2.09 Kledingvoorschrift

De coach dient een trainingspak te dragen, (zaal)sportschoenen en dient een handdoek bij zich te hebben.

Dit trainingspak dient te bestaan uit een lange trainingsbroek met een bovendeel (shirt of jas) met

(bij voorkeur) lange mouwen. Tevens dient hij als coach herkenbaar te zijn middels een coachband

of –badge.

Deze coachband wordt op naam uitgegeven en is niet overdraagbaar aan andere personen.

In geval van overtreding zal de betreffende coachband direct worden ingenomen en zal de persoon

worden verwezen naar de tribune.

ITF Royal Dutch / Umpire Rules

65

Gedragsregels

De coach moet blijven zitten

1) Wijs naar de coach.

2) Met gestrekte arm en open hand de coach gebieden te gaan

zitten.

De coach mag de deelnemer adviseren zonder zijn stem te

verheffen.

1) Wijs met een vinger naar de coach en met een vinger van de

andere hand voor je mond en gebied hem om stil te zijn.

Kleding

ITF-leden dienen volgens onderstaande regels op trainingen, wedstrijden en dergelijke te verschijnen:

Dobok:
Traditioneel wit Taekwon-do pak met overslag.
Jas: ITF of school-embleem op de linker borstzijde. Op de rug mag een zwarte plaat met Taekwon-do en de naam van de school of ITF gedragen worden.
Broek: Op de linker buitenzijde van de broekspijp dienen vanaf kniehoogte verticaal de letters ITF gedrukt te staan. Het aan- en uittrekken van de dobok geschiedt in de kleedkamers. Men gaat dus niet met de dobok over straat.

Jeugdgraduaties:
1 of 2 streepjes: dit zijn 1 of 2 strookjes gele stof (10 cm lang) die in de lengte richting op beide uiteinden van de band aangebracht worden.

Kupgraduaties:
Op de band van kup-graduaties moet een slip (streep) van 1 cm breed en 10 cm vanuit het uiteinde van de band gedragen worden. De lengte van de slippen van de band tot halverwege het bovenbeen.

Dangraadhouders:
Jas afranden met zwart band van 3 cm breed. Vanaf 1e t/m 3e dan mogen witte streepjes binnen de breedte van de zwarte band (0.5 cm). Respectievelijk 1 t/m 3 streepjes aangebracht worden.

4e Dangraadhouders:
Het genoemde bij dangraadhouders plus een zwarte streep langs de broek van 3 cm breed. Witte streepjes op de band worden vervangen door een IV (Romeins).

5e Dangraadhouders:
Het genoemde in C en D, plus een zwarte streep achter de kraag langs naar beide uiteinden van de mouwen.

Algemeen:
De dangraadhouders mogen met goud of gele letters hun naam plus de tekst Taekwon-do op de band aanbrengen.

ITF ROYAL DUTCH

 

DANGRAAD EXAMEN REGLEMENT

2011 (versie)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

INHOUD

 

 

bladzijde

 

art. 1 Algemeen................................................. 3

art. 2 De examencommissie.............................. 3

art. 3 Leeftijden en wachttijden........................ 3

art. 4 Aantal examens........................................ 3

art. 5 Toegang tot de examens.......................... 3

art. 6 Examenaanvraag..................................... 4

art. 7 Aanpassingen........................................... 4

art. 8 Resultaat van het examen........................ 4

art. 9 Diploma.................................................... 4

art. 10 Bijzondere promotie................................ 5

art. 11 Erkenning Dangraden.............................. 5
art. 12 Exameneisen ...................................... 6

art. 13 Eisen voor 1e dan................... 7

art. 14 Eisen voor 2e dan................... 8

art. 15 Eisen voor 3e dan................... 9

art. 16 Eisen voor 4e dan................................... 10

art. 17 Eisen voor 5e dan................................... 11

art. 18 Eisen voor 6e dan................................... 12

art. 19 Eisen voor 7e dan en hoger.................... 13

 

 

Bijlage:

 

a). Koreaanse nomenclatuur............................. 14

 

b). Aanvraagformulier Dangraadexamen ………. 15
1. Algemeen.

Dangraadexamens kunnen alleen namens en door de ITF Royal Dutch worden afgenomen.

Voor dit doel is door het bestuur van de ITF Royal Dutch de Dangraden Commissie benoemd.

 

 

2. De Dangraden Commissie.

De Dangraden Commissie is verantwoor­delijk voor het beleid (bewaking niveau) en de organisatorische zaken, in samenspraak met het bestuur van de stichting.

De Dangraden Commissie is verantwoordelijk voor de uitvoering en evaluatie van de

examens.

Leden van de commissie of een persoonlijk uitgenodigde gastexaminator dienen in het

bezit te zijn van minimaal een erkende ITF 4e dangraad.

 

3. Wachttijden.

 

Dangraad Wachttijd

1e dan 6 maanden (6 maanden wachten, na het behalen van de 1e kub)

2e dan 2 jaar (2 jaar wachten, na het behalen van de 1e dan)

3e dan 3 jaar (3 jaar wachten, na het behalen van de 2e dan)

4e dan 4 jaar (4 jaar wachten, na het behalen van de 3e dan)

5e dan 5 jaar (5 jaar wachten, na het behalen van de 4e dan)

6e dan 6 jaar (6 jaar wachten, na het behalen van de 5e dan)

7e dan 7 jaar (7 jaar wachten, na het behalen van de 6e dan)

promotie door Grandmaster Choi Jung Hwa

8e dan promotie door Grandmaster Choi Jung Hwa

9e dan promotie door Grandmaster Choi Jung Hwa

 

4. Aantal examens.

Dangraad-examens worden in principe tweemaal per jaar gehouden en wel in april en november.

De informatie betreffende data, plaats en tijd, worden tezamen met het aanvraagformulier + 6 weken voor de examendata toegezonden aan de aangesloten scholen/ver­enigingen.

 

 

5. Toegang tot de examens.

De examens zijn uitsluitend toegankelijk voor examinandi en zaal­wacht (te benoemen door de Dangraden Commissie). Examinandi mogen verge­zeld gaan van de één leraar of één assistent-leraar van hun school/vereniging. Bij meerdere kandidaten per school/vereniging ook één leraar of één assistent-leraar. Ouders cq. verzorgers en eventueel ook hun partner zijn welkom om op de tribune aanwezig te zijn, maximaal twee personen per examen- kandidaat. Kinderen en andere familieleden , vrienden en of huisdieren zijn niet toegestaan. Men dient wel de nodige stilte in acht te nemen. Het is niet toegestaan om tijdens het examen video opnamen en foto’s te maken. Het aanstaan van mobielen telefoons is niet

toegestaan.

 

6. Examenaanvraag.

 

Om te kunnen deelnemen aan een Dangraad-examen dient de kandidaat te voldoen aan de in dit reglement genoemde eisen. De school/vereniging dient het daarvoor bestemde formulier (aanvraag- for­mulier Dangraad-examen ITF Royal Dutch.) volledig ingevuld en ondertekend tijdig in te zenden.
Dit formulier dient mede onder­tekend te zijn door een erkende en bevoegde leerkracht in het bezit van een hogere graduatie en lid van de ITF Royal Dutch ten bewijze dat deze zich akkoord verklaart met deze aanvraag.

Deze medeondertekening is niet van toepassing indien de kandidaat zelf erkend en bevoegd leraar cq. hoofdleraar binnen de ITF Royal Dutch is en wanneer de kandidaat van buiten de ITF Royal Dutch organisatie komt. (deze ‘gast kandidaat’ dient met officiële ( ITF) documenten te kunnen aantonen wat zijn of haar status en historie binnen het Taekwon-Do is.)

Als tweede dient de kandidaat het officiële ITF application for degree certificate formulier volledig Engelstalig in te vullen. Dit formulier dient mede ondertekend te zijn door een erkende en bevoegde leerkracht van de ITF Royal Dutch ten bewijze dat deze zich akkoord verklaart met de aanvraag. Bij bovengenoemde formulieren dient men twee recente pasfoto’s in te leveren.

Deze aanvraagformulieren dienen samen met de hieronder genoemde bescheiden uiterlijk 4 weken vóór de examendatum in het bezit te zijn van het Dangraad Commissie secretariaat.

- Twee recente pasfoto’s

- Kopie lidmaatschapspas van de ITF Royal Dutch.

- Kandidaten vanaf 2 e dan en hoger dienen mede een kopie van de black belt status- card op te sturen.

 

De hoogte van het (her-)examengeld wordt jaarlijks vastgesteld.

 

De kandidaat dient op de examendag het volledig ingevulde ITF Royal Dutch -paspoort af te geven aan de examencommissie.

Indien de examenaanvraag niet geheel conform het reglement is, zal de kandidaat worden afgewezen. Hiervan zal men schriftelijk in kennis worden gesteld.

Het verschuldigde examengeld wordt niet gerestitueerd.

Men kan voor het eerst volgende examen weer normaal examen aanvragen.

Bij het afzeggen van een dangraadexamen door persoonlijke omstandigheden zoals bv ziekte, een blessure of familieomstandigheden wordt het verschuldigde examengeld niet gerestitueerd, maar blijft geldig tot een volgende examendata.

 

 

7. Aanpassingen.

Kandidaten die om redenen van een lichamelijke handicap of beroepsri­sico niet in staat zijn om een bepaalde oefening uit te voeren, echter wel lichamelijk fit zijn, kunnen hiervoor een verzoek tot aanpas­sing indie­nen. Verzoeken voor genoemde aanpassing dienen schrif­telijk, verge­zeld van een medische verklaring, tezamen met het examenaanvraagformulier gericht te worden aan de Dangraden Commissie secretariaat.

Beslissingen omtrent het verzoek voor aanpassing worden uiterlijk 2 weken voor het examen schriftelijk aan de kandidaat bekend gemaakt. Deze beslissing is bindend.

De voorzitter van de Dangraad Commissie of diens vertegenwoordiger is bevoegd om zonodig examenonderde­len aan te passen danwel kandidaten aanpassingen te verlenen als de omstandigheden dit wenselijk maken.

 

 

8. Resultaat van het examen.

Het resultaat van het examen wordt door de voorzitter van de examencommissie na afloop van het examen bekend gemaakt. Indien men is geslaagd zal het ITF Royal Dutch paspoort worden afgetekend door de voorzitter van de Dangraad Commissie of diens vertegenwoordiger..

De voorzitter van de examencommissie zal zich na afloop van de examens beschikbaar houden voor informatie aan de (hoofd)leraar van de school/vereniging betreffende de uitslag van het examen. Tevens is er de voor de kandidaten de mogelijkheid om de theorie toets in te zien en te bespreken na afloop van het examen.

 

 

9. Diploma.

De kandidaten die zijn geslaagd voor het Dangraadexamen ontvangen een Dangraad diploma van de ITF Royal Dutch.

Het diploma wordt ondertekend door de voorzitter van de Dangraad Commissie, of diens plaats­vervanger en door de voorzitter van ITF Royal Dutch. De di­ploma uitreiking geschiedt namens de ITF Royal Dutch door de voorzitter van de Dangraden Commissie, of diens plaatsver­vanger. De diploma-uitreiking geschiedt in de regel direct na de bekendmaking van de examenresultaten.

 

De uitreiking van het internationale ITF diploma vindt op een later tijdstip plaats. Wanneer de ITF Royal Dutch van haar ITF moederorganisatie alle officiële documenten heeft ontvangen worden de geslaagden uitgenodigd voor een officiële uitreiking tijdens een van de ITF Royal Dutch evenementen.

 

 

 

10. Bijzondere promotie.

 

Het promoveren naar een hogere Dangraad (HC-Dangraad) in het kader van bijzondere promotie zal in het algemeen alleen dan worden toegepast bij personen welke door middel van vergaande prestaties, kennis en inzicht in het Taekwon-Do hun technisch plafond hebben bereikt, en welke zich jarenlang hebben ingezet voor het Taekwon-Do in het algemeen en/of voor de ITF Royal Dutch als organisatie.

Hierbij dient een duidelijke bijdrage aan de ontwikkeling en de continuïteit van de ITF Royal Dutch als organisatie in het algemeen en het Taekwon-Do in het bijzonder te hebben plaatsgevonden.

Een HC-dangraad dient aangevraagd te worden door de school/vereniging van deze

persoon of door het hoofdbestuur, als gevolg van hun prestatie/inzet.

Beoordeling voor een HC-dangraad geschiedt door de Dangraden Commissie. Daarbij zal de Dangraden Commissie advies inwinnen bij het bestuur van de ITF Royal Dutch ten

aanzien van de algemene gedragscode.

Hiervoor zijn een aantal criteria opgesteld, waarbij de wachttijd behorende bij de huidige

dangraad evenwel te allen tijde in acht zal worden genomen.

 

Het in het artikel genoemde uitgangspunt is vastgesteld, om algemeen meetbare criteria

te kunnen hanteren bij toekenning van een HC-dangraad en zeker niet in de laatste plaats

om de waarde van de geëxamineerde dangraden te behouden. Immers HC-dangraden

dienen op verdienste te worden uitgereikt en mogen nooit een middel cq. mogelijkheid

zijn om een (hogere) dangraad te verkrijgen.

 

Criteria:

- loyaliteit (t.a.v. van de ITF Royal Dutch als organisatie)

- integriteit (betrouwbaar)

- doorzettingsvermogen (inzet, prestatie, vaardigheden)

- gedragscode (etiquette, omgang, persoonlijke uitstraling)

- kennis en inzicht in TKD (diverse gebieden)

- meerwaarde voor de ITF Royal Dutch (toegevoegde waarde)

 

Randvoorwaarden:

- HC is laatste stap in carrière

- HC dient door jarenlange bijdrage/inzet echt te worden verdient

- HC op HC is uitgesloten

- HC zal iets uitzonderlijks blijven, het is iets bijzonders

- de kandidaat moet te toetsen zijn (moet bekende cq. Prominent zijn)

- de kandidaat is binnen de ITF Royal Dutch organisatie nog actief op landelijk niveau

 

 

 

 

11. Erkenning Dangraden.

Het betreft hier Dangraden welke zijn behaald bij een andere organisatie dan de ITF Royal Dutch.

Om een Dangraad binnen de ITF Royal Dutch officieel te mogen dragen, dient men
goedkeuring te krijgen van de Dangraad Commissie. Deze zal ter beoordeling een persoonsafhankelijk traject doen samenstellen.

 

12. Exameneisen.

12.1. Algemene eisen.

De kandidaat dient de regels betreffende onderstaande punten in acht te nemen.

1. Etiquette

* correcte kleding (volgens het geldende kledingreglement).
Indien hieraan niet wordt voldaan, volgt uitsluiting van het betreffende examen.

* sieraden,kauwgum, etenswaren e.d. zijn niet toegestaan

* correcte houding en groetprocedures.

2. Graduering

* juiste graduatie dragen

3. Organisatie

* paspoort voorzien van juiste informatie, volledig ingevuld (pasfoto, data/parafen).

 

12.2. Partner.

Kandidaten zijn op aanwijzing van de Dangraad Commissie elkaars partner.

Kandidaten van dezelfde school/vereniging mogen wel elkaars partner zijn, dit is echter niet
vanzelfsprekend.

 

12.3. Technische Dangraad eisen.

1. In het algemeen geldt dat de kandidaten de examenstof dienen te beheersen

welke door de Dangraad Commissie wordt vastgesteld en vaststaat in lesstofmappen en ITF Royal Dutch boeken.

 

2. De technische eisen bestaan uit:

a. theorie

1. Theorietoets (o.a. nomenclatuur, geschiedenis, technische kennis, zie b.v. het

Taekwon-Do boek “De weg naar het succes”)

 

b.praktijk

1. Tuls

2. Partneroefeningen: 1 stap sparring

2 stap sparring

voettechniek sparring

halfvrij sparring

springtechnieken

vrij sparring

3. Zelfverdediging

4. Breektest hand en voet

 

Hiervoor wordt verwezen naar de eisen per Dangraad.


3. Ten aanzien van de onderdelen voettechniek sparring, springtech­nie­ken en
zelfverdediging dient men binnen een vastgesteld raamwerk een eigen invulling te geven.

Voor dit raamwerk wordt verwezen naar de toelichting van de eisen per Dangraad.

 

4. Voor de eisen per Dangraad wordt verwezen naar de volgende hoofdstukken.

 

Enkele aanvullende opmerkingenbetreffende het praktisch examen:

1. Breektesten worden in principe uitgevoerd op een “loshangende” houten breekplank
met de afmetingen: 30x30 cm, dikte minimaal 18mm.

2. De kandidaat dient zelf mee te brengen 3 stuks houten plankjes

3. Bij de partneroefeningen heeft men principe geen vaste partner (er kan worden gewisseld)

 

 

 

13. EXAMENEISEN VOOR 1e DAN

 

13.1 Theorie:

.1 De kandidaat dient de namen en betekenissen van de Tuls (1 t/m 9) te kennen en dient inhoudelijk technische zaken over de Tuls te kunnen beantwoorden.

 

.2 De kandidaat dient de Koreaanse nomenclatuur van de examenonderdelen en de

voornaamste fundamente­le oefenin­gen­­­­­­­ te ken­nen en dient desgevraagd hierover bij de verschillende examenon­derdelen informatie te kunnen verstrekken.

 

3. De kandidaat dient de algemene geschiedenis, filosofie en etiquette van Taekwon-Do te kennen, deze wordt o.a. in een Theorietoets getest.

 

13.2 Praktijk:

.1 Tuls:

.1/ Chon-Ji .6/ Joong-Gun

.2/ Dan-Gun .7/ Toi-Gye

.3/ Do-San .8/ Hwa-Rang

.4/ Won-Hyo .9/ Choong-Moo
.5/ Yul-Gok

 

De kandidaat dient voor dit onderdeel minimaal 4 tuls te demonstre­ren.

De negende tul "Choong-Moo” vormt een vast examenpunt. De resterende tuls worden tijdens het examen door de voorzitter van de Dangraad Commissie of diens plaatsvervanger vastgesteld.

 

.2 Stap-Sparring:

.1 1-stap sparring

.2 2-stap sparring

.3 1-stap sparring: springtechniek

De kandidaat dient voor dit onderdeel een of meerdere series te demonstreren.
De te demonstreren series worden door de voorzitter van de Dangraad Commissie of diens plaatsvervanger vastgesteld.

 

 

.3 Overige oefeningen
.1 Zelfverdediging:
De kandidaat dient voor dit onderdeel diverse bevrijdingen uit te voeren (uitvoering is vrij) waarin de volgende elementen zijn ver­werkt:

.1/ Hand .2/ Pols

.3/ Revers .4/ Schouders

.5/ Wurgingen .6/ Omklemmingen

 

.2 Breektest:

De kandidaat dient voor dit onderdeel 2 breektesten te kunnen uitvoeren, een handtechniek en een voettechniek uit stand, zonder afmeten.

De breektest dient te worden uitgevoerd op een “loshangend” houten plank.

De keuze van de techniek wordt voor het examen door de voorzitter van de Dangraad Commissie of diens plaatsvervanger vastgesteld.

 

 

.3 vrij sparring

 

 

14. EXAMENEISEN VOOR 2e DAN

 

14.1 Theorie:

.1 De kandidaat dient de namen en betekenissen van de Tuls (1 t/m 12) te kennen en dient inhoudelijk technische zaken over de Tuls te kunnen beantwoorden.

 

.2 De kandidaat dient de Koreaanse nomenclatuur van de examenonderdelen en de

voornaamster fundamente­le oefenin­gen­­­­­­­ te ken­nen en dient desgevraagd hierover bij de verschillende examenon­derdelen informatie te kunnen verstrekken.

 

3. De kandidaat dient de algemene geschiedenis, filosofie en etiquette van Taekwon-Do te kennen, deze wordt o.a. in een Theorie- toets getest.

 

 

14.2 Praktijk:

.1 Tuls:

.1 / Chon-Ji .7 / Toi-Gye

.2 / Dan-Gun .8 / Hwa-Rang

.3 / Do-San .9 / Choong-Moo

.4 / Won-Hyo .10/ Kwang-Gae

.5 / Yul-Gok .11/ Po-Eun

.6 / Joong-Gun .12/ Ge-Back

 

De kandidaat dient voor dit onderdeel minimaal 5 tuls te demonstre­ren, waarbij de volgende Tuls een vast examenpunt vormen: Kwang-Gae (10), Po-Eun (12) en Ge-Back (12).

De resterende Tul(s) wordt voor het examen door de voorzitter van de Dangraad Commissie of diens piaatsvervanger vastge­steld.

 

 

.2 Stap-Sparring:

.1/ 1-stap sparring

.2/ 2-stap sparring

.3/ 1-stap sparring springtechniek hand/voet (afweer voet)

.4/ voettechniek sparring (enkel)

.5/ halfvrij sparring (serie 1 en 2)

 

De kandidaat dient voor dit onderdeel een of meerdere series te demonstreren:

De te demonstreren series worden door de voorzitter van de Dangraad Commissie of diens plaatsvervanger vastgesteld.

 

 

.3 Overige oefeningen
.1 Zelfverdediging:

De kandidaat dient voor dit onderdeel diverse afweringen en zelfver­dedigings technieken uit te voeren tegen verschillende vormen van aanval gemaakt middels arm en been technieken. Dit onderdeel kan met een eigen partner worden uitgevoerd indien er geen andere examenkandidaat aanwezig is en dient te bestaan uit minimaal 10 oefeningen.

 

.2 Breektest:

Hand en/of voettechniek met moeilijkheidsfactor,

 

De kandidaat dient voor dit onderdeel 2 breektesten te kunnen uitvoeren, een handtechniek en een gesprongen voettechniek uit stand, zonder afmeten, waarbij de moeilijk­heids­graad is afgestemd op het 2e dan niveau.
De breektest dient te worden uitgevoerd op een “loshangende” houten plank.

De keuze van de techniek wordt voor het examen door de voorzitter van de Dangraad Commissie of diens plaatsvervanger vastgesteld.

 

.3/ vrij sparring (1 of 2 tegenstanders)

 

15. EXAMENEISEN VOOR 3e DAN

 

15.1 Theorie:

.1 De kandidaat dient de namen en betekenissen van de Tuls (1 t/m 15) te kennen en dient inhoudelijk technische zaken over de Tuls te kunnen beantwoorden.

 

.2 De kandidaat dient de Koreaanse nomenclatuur van de examenonderdelen en

voornaamste fundamente­le oefenin­gen­­­­­­­ te ken­nen en dient desgevraagd hierover bij de verschillende examenon­derdelen informatie te kunnen verstrekken.

 

 

15.2 Praktijk:

.1 Tuls:

.1 / Chon-Ji .9/ Choong-Moo

.2 / Dan-Gun .10/ Kwang-Gae

.3 / Do-San .11/ Po-Eun

.4 / Won-Hyo .12/ Ge-Back

.5 / Yul-Gok .13/ Eui-Am

.6 / Joong-Gun .14/ Choong-Jang

.7 / Toi-Gye .15/ Kodang

.8 / Hwa-Rang

 

De kandidaat dient voor dit onderdeel minimaal 6 Tuls te demonstre­ren.
Waarbij de volgende Tuls een vast examenpunt vormen: Eui-Am (13), Choong-Jang (14) en Kodang (15).

De resterende Tul(s) wordt voor het examen door de voorzitter van de Dangraad Commissie of diens plaatsvervanger vastge­steld.

 

.2 Sparring:

.1/ 1-stap sparring

.2/ 2-stap sparring

.3/ voettechniek sparring: * combinaties (2x aanval, 2x afweren)

* sprongen (verwerkt in de tegenaanval)

.4/ halfvrij sparring (serie 1 en 2)


De kandidaat dient voor dit onderdeel een of meerdere series te demonstreren:

De te demonstreren series worden door de voorzitter van de Dangraad Commissie of diens plaatvervanger vastgesteld.

 

.3 Overige oefeningen
.1 Zelfverdediging:

De kandidaat dient voor dit onderdeel diverse afweringen en zelfver­dedigings technieken uit te voeren tegen verschillende vormen van een stokaanval. Dit onderdeel kan met een eigen partner worden uitgevoerd indien er geen andere examenkandidaat aanwezig is en dient te bestaan uit minimaal 10 oefeningen.

 

.2 Breektest:

Hand- en/of voettechniek met moeilijkheidsfactor.


De kandidaat dient voor dit onderdeel 2 breektesten te kunnen uitvoeren, een handtechniek en een gesprongen voettechniek uit stand ,zonder afmeten, waarbij de moeilijk­heids­graad is afgestemd op het 3e dan niveau.
a. gesprongen voettechniek uit stand, zonder afmeten, op een loshangende plank
b. handtechniek, waarbij de kandidaat zelf de plank vasthoudt

De keuze van de techniek wordt voor het examen door de voorzitter van de examencommissie of diens plaatsvervanger vastgesteld.

 

.3/ vrij sparring (1 of 2 tegenstanders)

 

 

 

 

16. EXAMENEISEN VOOR 4e DAN

 

16.1 Theorie:

.1 De kandidaat dient de namen en betekenissen van de Tuls (1 t/m 18) te kennen en dient inhoudelijk technische zaken over de Tuls te kunnen beantwoorden.

 

.2 De kandidaat dient de Koreaanse nomenclatuur van de examenonderdelen en

voornaamste fundamente­le oefenin­gen­­­­­­­ te ken­nen en dient desgevraagd hierover bij de verschillende examenon­derdelen informatie te kunnen verstrekken.

** Beantwoording diverse vragen tijdens praktisch examen.

 

16.2 Praktijk:

.1 Tuls:

.1 / Chon-Ji .10/ Kwang-Gae

.2 / Dan-Gun .11/ Po-Eun

.3 / Do-San .12/ Ge-Back

.4 / Won-Hyo .13/ Eui-Am

.5 / Yul-Gok .14/ Choong-Jang

.6 / Joong-Gun .15/ Kodang

.7 / Toi-Gye .16/ Sam-Il

.8 / Hwa-Rang .17/ Yoo-Sin

.9 / Choong-Moo .18/ Choi-Yong


De kandidaat dient voor dit onderdeel minimaal 6 tuls te demonstre­ren, waarbij de volgende
Tuls een vast examenpunt vormen: Sam-Il (16), Yoo-Sin (17) en Choy-Yong (18).

De resterende Tul(s) wordt voor het examen door de voorzitter van de Dangraad Commissie of diens plaatsvervanger vastgesteld.


.2 Stap-Sparring:

.1/ Een-stap sparring 05 st.

.2/ Twee-stap sparring 05 st.

.3/ Drie-stap sparring 10 st.

.3/ Voettechniek sparring 10 st

.4/ Halfvrij sparring 10 st

.5/ Eigen serie staps 10 st

 

De kandidaat dient voor dit onderdeel een of meerdere series te demonstreren:

De te demonstreren series worden door de voorzitter van de Dangraad Commissie of diens plaatsvervanger vastgesteld.

.3 Overige oefeningen:

 

.1 Zelfverdediging:

De kandidaat dient voor dit onderdeel een aantal afweringen en zelfverdedigings technieken uit te voeren tegen verschillende vormen van een mesaanval. Dit onderdeel kan met een vaste partner worden uitgevoerd indien er geen andere examenkandidaat aanwezig is en dient te bestaan uit minimaal 15 oefeningen.

 

.2 Breektest:

Gesprongen combinatie techniek (hand-voet , voet-voet)
De kandidaat dient met een gecombineerde en gesprongen techniek de planken te kunnen
breken. De planken zullen hierbij afzonderlijk worden vastgehouden.

De keuze van de techniek wordt voor het examen door de voorzitter van de examencommissie of diens plaatsvervanger vastgesteld.

 

17. EXAMENEISEN VOOR 5e DAN

 

17.1 Theorie:

.1 De kandidaat dient de namen en betekenissen van de Tuls ( 1 t/m 21) te kennen en dient desgevraagd bij het onderdeel Tuls de Dangraad Commissie hierover informatie te kunnen verstrekken.

.2 De kandidaat dient de Koreaanse nomenclatuur van de examenon­derdelen­­ en de voor­-

naamste fundamentele oefenin­gen­­­­­­­ te ken­nen en dient desgevraagd hierover bij de
verschillende examenonderdelen informatie te kunnen verstrekken.

**Beantwoording diverse vragen tijdens praktisch examen.

 

.3 De kandidaat dient een mondelinge presentatie aan te bieden over het aan een Taekwon-Do

gelieerd aspect. Eventueel met aanvulling van een PowerPoint introductie of equivalent.

Deze presentatie dient minimaal 10 tot maximaal 15 minuten te duren.

 

17.2 Praktijk:

.1 Tuls:

.1 / Chon-Ji .12/ Ge-Back

.2 / Dan-Gun .13/ Eui-Am

.3 / Do-San .14/ Choong-Jang

.4 / Won-Hyo .15/ Kodang

.5 / Yul-Gok .16/ Sam-Il

.6 / Joong-Gun .17/ Yoo-Sin

.7 / Toi-Gye .18/ Choi-Yong

.8 / Hwa-Rang .19/ Yon-Gae

.9 / Choong-Moo .20/ Ul-Ji

.10/ Kwang-Gae .21/ Moon-Moo

.11/ Po-Eun

 

De kandidaat dient voor dit onderdeel minimaal 6 tuls te demonstre­ren, waarbij

de volgende Tuls een vast examenpunt vormen: Yon-Gae (19), Ul-Ji (20) en Moon-Moo (21).

De resterende Tul(s) wordt voor het examen door de voorzitter van de Dangraad Commissie of diens plaatsvervanger vastgesteld.

 

 

.2 PARTNEROEFENINGEN:

De kandidaat dient een serie van 20 zelf ontwikkelde partneroefeningen in opbouwende lijn
te demonstreren. De serie dient te bestaan uit een- en tweestaps-sparring, alsmede ook
halfvrij stapssparring.

 

Bij dit onderdeel mag gebruik gemaakt worden van een of meerdere eigen partner(s).

 

1 DEMONSTRATIE ZELFVERDEDIGING:

De kandidaat dient voor dit onderdeel een aantal afweringen en zelfverdedigings technieken uit te voeren tegen een gewapende aanval naar eigen keuze. Dit onderdeel kan met een eigen partner worden uitgevoerd en dient te bestaan uit 15 oefeningen.

 

18. EXAMENEISEN VOOR 6e DAN

 

18.1 Theorie:

.1 De kandidaat dient de namen en betekenissen van de Tuls 1 t/m 24 te kennen en dient desgevraagd bij het onderdeel Tuls de Dangraad Commissie hierover informatie te kunnen verstrekken.

.2 De kandidaat dient de Koreaanse nomenclatuur van de examenon­derdelen­­ en de voor­-

naamste fundamentele oefenin­gen­­­­­­­ te ken­nen en dient desgevraagd hierover bij de
verschillende examenonderdelen informatie te kunnen verstrekken.

 

.3 De kandidaat dient desgevraagd toelichting te verstrekken over alle oefenstof.

 

.4 De kandidaat dient een mondelinge presentatie aan te bieden over aan een Taekwon-Do

gelieerd aspect. Eventueel met aanvulling van een PowerPoint introductie of equivalent.

Deze presentatie dient minimaal 10 tot maximaal 15 minuten te duren.

 

 

18.2 Praktijk:

.1 Tuls:

.1 / Chon-Ji

.2 / Dan-Gun .13/ Eui-Am

.3 / Do-San .14/ Choong-Jang

.4 / Won-Hyo .15/ Kodang

.5 / Yul-Gok .16/ Sam-Il

.6 / Joong-Gun .17/ Yoo-Sin

.7 / Toi-Gye .18/ Choi-Yong

.8 / Hwa-Rang .19/ Yon-Gae

.9 / Choong-Moo .20/ Ul-Ji

.10/ Kwang-Gae .21/ Moon-Moo

.11/ Po-Eun .22/ So-San

.12/ Ge-Baek .23/ Se-Jong

.24/ Tong-Il

 




De kandidaat dient voor dit onderdeel meerdere tuls te demonstre­ren, waarbij de volgende

Tuls een vast examenpunt vormen: So-San (22), Se-Jong (23) en Tong-Il (24).

De resterende Tul(s) wordt voor het examen door de voorzitter van de Dangraad Commissie of diens plaatsvervanger vastgesteld.

 


.2 Overige oefenstof:

De kandidaat dient te tonen dat hij/zij "alle" oefenstof uit de lagere graden beheerst.

 

 

 

18.3 Specifiek:

.1 Voor dit examen zal plaats en tijdstip separaat worden vastgesteld.

 

 

 

19. EISEN VOOR 7e en 8e dan

 

19.1 Algemeen:

 

De kandidaat dient de regels betreffende onderstaande punten in acht te nemen.

 

.1 Graden van 7e Dan en hoger kunnen alleen worden behaald in het kader van bijzondere

promotie. Hierbij dient evenwel de wachttijd in acht te worden genomen.

 

.2 In het algemeen zal deze bijzondere promotie alleen dan worden toegepast bij vergaande

technische kennis en inzicht in de Taekwon-Do sport/kunst.

 

.3 De kandidaatstelling om in aanmerking te komen voor bijzondere promotie kan geschieden op voordracht van school/vereniging/donateur stichting.

 

.4 Een dergelijke voordracht dient schriftelijk met redenen omkleed te worden ingediend

bij de Dangraad Commissie.

 

.5 De Dangraad Commissie zal advies inwinnen bij het bestuur ten aanzien van de algemene gedragscode binnen de stichting (voorbeeldfunctie, uitstraling).

 

.6 Vervolgens zal de Dangraad Commissie beoordelen of er is voldaan aan de gestelde eisen.
Bijzondere promoties kunnen alleen dan plaatsvinden indien dit oordeel positief is.

Een 7e dan en hoger examen afleggen is verplicht indien kennis en kunde van betreffende kandidaat niet duidelijk is voor de Dangraad Commissie en het bestuur.

In deze situatie worden de exameneisen door de examencommissie voorgelegd bij de betreffende kandidaat.

 

.7 Indien dit oordeel positief is bevonden door de Dangraad Commissie en het bestuur neemt Grandmaster Choi Jung Hwa, President van de ITF de uiteindelijk beslissing.

 

 

 

 

 

 

 

 

Bijlage d).: Koreaanse nomenclatuur.

 

Houdingen:

charyot - in de houding staan

kyongye - groeten

chunbi - starthouding

kuman - terug in de starthouding

 

Algemene benamingen:

dojang - trainingszaal

dobok - Taekwon-Do-pak

chirugi - stoot

taerigi - slag

tulgi - steek

palkup - elleboog

sonkal - meshand

palmok - voorarm

chagi - trap

najunde - laag

kaunde - midden

nopunde - hoog

anuro - inwaarts

bakuro - buitenwaarts

naeryo - neerwaarts

 

Standen:

niunja sogi - L-stand

gunnun sogi - loopstand

annun sogi - zitstand

kyocha sogi - x-stand

waebal sogi - eenbeen stand

dwitbal sogi - achtervoetstand

moa sogi - gesloten stand

narani sogi - parallelstand

guburyo sogi - buigstand

chunbi sogi - gereedstand

 

Voettechnieken:

ap chagi - voorwaartse trap

yop chagi - zijwaartse trap

dollyo chagi - ronde trap

dwit chagi - achterwaartse trap

bandae dollyo chagi - achterwaartse hieltrap

naeryo chagi - neerwaartse trap

bituro chagi - twisttrap

twimyo chagi - gesprongen traptechniek

 

Sparringoefeningen:

ilbo matsoki - 1-stap sparring

ibo matsoki - 2-stap sparring

ban jayoo matsoki - halfvrij sparring

jok gi matsoki - voettechnieksparring

jayoo matsoki - vrij sparring

kye pa - breektest

hosinsul - zelfverdediging

 

Opmerking: zie voor een uitgebreide nomenclatuurlijst het Boek “Taekwon-Do, de Weg naar succes”. Tijdens het Theorie examen wordt o.a. de Koreaanse Nomenclatuur getest.

Huishoudelijk reglement van de Taekwon-do vereniging “Ma-Ryuk”

1. Definities

In dit huishoudelijk reglement wordt verstaan onder:

a. De vereniging: de Taekwon-do vereniging Ma-Ryuk, gevestigd te Gennep.

b. Aspirant-leden: zijn zij die de mogelijkheid hebben kosteloos kennis te maken met de vereniging voor de periode van 1 maand maar nog niet tot de ledenlijst zullen zijn toegevoegd.

c. Gewone leden: zijn zij die zich als lid bij het bestuur hebben gemeld en door het bestuur zijn toegelaten.

d. Ereleden: zijn zij die zich op grond van bijzondere verdiensten voor de vereniging door het bestuur zijn benoemd.

e. Leden: aspirant-leden of gewone leden of ereleden.

f. Leraar: een door het bestuur aangesteld persoon, belast met de trainingslessen en begeleiding.

g. Bondsgeld: de jaarlijkse contributie aan de N.T.A.

h. Dojang: de trainingszaal van de vereniging.

II. Toepasselijkheid

Dit huishoudelijk reglement is van toepassing op alle natuurlijke personen die toetreden tot het lidmaatschap van de vereniging, tenzij voorafgaande aan de toetreding tot het lidmaatschap schriftelijk anders is overeengekomen.

 

III. Lidmaatschap

Art. 1. De vereniging kent aspirant-leden, gewone leden en ereleden

Het bestuur bepaald welke voornoemde leden in welke hoedanigheid worden toegelaten.

Art. 2. Aanmelding van nieuwe aspirant-leden geschiedt bij de dienstdoende leraar.

Indien de leraar van mening is, dat het verlenen van lidmaatschap aan een aspirant-lid schade zou kunnen berokkenen aan andere leden, eigendommen en/of de goede naam van de vereniging in het bijzonder, kan hij direct de toelating afwijzen.

Art. 3. Aanmelding van nieuwe leden geschiedt door middel van het volledig invullen, dateren en ondertekenen van het inschrijfformulier, en inleveren hiervan bij de leraar of de ledenadministratie. Het lid verplicht zich te handelen volgens de statuten en reglementen van de vereniging.

Art. 4. De vereniging is aangesloten bij de overkoepelende organisatie N.T.A. (Nederlandse Taekwon-Do Associatie). Bij aanmelding tot lid van de vereniging verplicht men zich tot lidmaatschap van de N.T.A.

Bij dit lidmaatschap van de N.T.A. ontvangt men, via de leraar, een N.T.A. paspoort, N.T.A. informatie en lidmaatschapskaart, waarin alle belangrijke landelijke gebeurtenissen op Taekwon-do gebied vermeld staan.

Art. 5. De ledenadministratie van de vereniging zal zorg dragen voor de aanmelding alsmede de contributie betaling bij de N.T.A.

IV. Inschrijfgeld:

Bij inlevering van het inschrijfformulier en betaling van het inschrijfgeld van € 14.50 wordt men als lid geregistreerd bij de vereniging.

V. Contributie

De contributie dient vooraf per kwartaal te worden voldaan via een automatische overschrijving op rekeningnr. 14.06.33.588 t.g.v. Ma-Ryuk, Willemboyeweg 89 te Gennep. Bij niet tijdige betaling van de contributie zal per betalingsherinnering een bedrag van € 3,50 in rekening worden gebracht. Als betaling van de contributie na de derde betalingsherinnering uitblijft, zal het lid geschorst worden. Van deze schorsing zal men schriftelijk in kennis worden gesteld, en het lidmaatschap automatisch door royement komen te vervallen. Ook na royement zal de betalingsverplichting tot de algehele voldoen blijven bestaan.

Wanneer er drie of meer leden uit hetzelfde gezin lid zijn, ontvangt het derde gezinslid een korting van 25%. Gezinsleden dienen wel op hetzelfde adres te wonen.

De contributie is als volgt ingedeeld:

Jeugd : 6 t/m 14 jaar € 26,- per kwartaal

Junioren : 15 t/m 17 jaar € 33,- per kwartaal

Senioren : vanaf 18 jaar € 40,- per kwartaal

 

VI. Bondsgeld

NTB

VII. Beëindiging lidmaatschap

Art. 6. Beëindiging van het lidmaatschap kan geschieden door:

a) wegens wanbetaling zoals omschreven in hoofdstuk V. contributie, door het bestuur van de vereniging;

b) wegens wangedrag of het toebrengen van schade aan eigendommen en/of de goede naam van de vereniging in het bijzonder, door het bestuur van de vereniging;

c) door middel van een schriftelijke opzegging bij de leden administratie, door het lid.

De opzeggingstermijn bedraagt ten minste acht weken.

Opzegging van het lidmaatschap door het lid, in de lopende contributieperiode geeft geen recht op restitutie.

VIII. Aansprakelijkheid

Art. 7. Ieder der leden is aansprakelijk voor de door hem aan de zaken der vereniging aangerichte schade.

Art. 8. Noch de vereniging, noch de leraar of scheidsrechter is aansprakelijk voor letselschade, aan lichaam of geest in de ruimste zin, ontstaan tijdens de trainingen, wedstrijden en/of examens in de Dojang. Het beoefenen van de sport Taekwon-do geschiedt op eigen risico. Alle leden moeten ervoor zorgen dat zij hun wettelijke privéaansprakelijkheidsverzekering goed hebben geregeld.

De leraar en/of scheidsrechter zullen ervoor waken dat de begeleiding deskundig verloopt en de leden dienen de instructies op te volgen om onnodig letsel te voorkomen.

Art. 9. Lichamelijke en/of geestelijke bijzonderheden dienen vooraf te worden gemeld aan de leraar. Na inschrijving is een sport- of andere medische keuring aan te bevelen.

Art. 10. De vereniging draagt generlei verantwoordelijkheid voor de eigendommen van welke aard ook, van leden en derden in het gebouw aanwezig.

II. Trainingen

Art. 11. De training bestaat minimaal uit één les per week, met dien verstande dat in overeenstemming met de leraar, het aantal lesuren kan worden uitgebreid.

Art. 12. De algehele leiding tijdens de training, wedstrijden of examens is in handen van de leraar. Het niet opvolgen van de instructies van de leraar kan leiden tot verwijdering van de training/wedstrijd of examen of uit de Dojang.

Art. 13. De trainingstijden en dagen zijn als volgt:

Woensdag van 19.00 – 20.30 uur voor jeugd / junioren / senioren

van 20.30 – 22.00 uur voor senioren 30 +

Zaterdag van 09.00 – 10.00 uur voor jeugd

van 10.00 – 11.30 uur voor junioren / senioren

II. Wedstrijden

Deelname aan wedstrijden (verenigings-, regionale-, nationale-, internationale-, of andere toernooien) is alleen toegestaan voor leden, na toestemming van de technische staf van de vereniging.

III. Graduatie

Art. 14.

a) Graduatie´s voor graden die recht verlenen op het dragen van een gele slip (9e kub) tot een met zwarte slip (1e kub), kunnen door de leraar van de vereniging worden toegekend.

b) Graduatie´s voor graden die recht verlenen op het dragen van een zwarte band (1e Dan of hoger), kunnen alleen door het Dangraden College van de N.T.A. worden toegekend.

c) Graduatie´s dienen te worden aangetekend in het geldige N.T.A.-paspoort door de leraar of het Dangraden College.

d) Gegradueerden, die hun lidmaatschap van de vereniging beëindigen of hun lidmaatschap door royement hebben verloren, zijn bij een hernieuwd lidmaatschap van de vereniging niet gerechtigd de eerder behaalde graduatie te dragen. Zij zullen door daartoe volgens dit reglement gerechtigden moeten worden geëxamineerd ter vaststelling van hun actuele kwaliteit als beoefenaar van het Taekwon-do en de daarbij behorende graad, die hen alsdan zal worden toegekend.

IV. Examen

Het examen wordt tijdens het weekendkamp in juni gehouden.

De kandidaat dient zich minimaal twee weken voor het examen op te geven bij de leraar, middels het volledig ingevulde examenformulier en betaling van het examengeld van € 5,00 en inlevering van het paspoort.

V. Slotbepaling

Aan alle leden wordt bij de aanvang van het lidmaatschap een informatieboekje uitgereikt. Het huishoudelijk reglement maakt deel uit van het informatieboekje.

Het bestuur behoud het recht om wijzigingen en/of veranderingen in dit huishoudelijk reglement door te voeren.

Op dit reglement is het Nederlands recht van toepassing.

30 mei 2010

Het bestuur